Organisatiestructuur: de manier waarop taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden in
een organisatie zijn verdeeld en de onderlinge relaties zijn afgestemd.
Strategisch management: het zorgdragen voor een juiste afstemming op de omgeving en het
permanent op peil houden en ontwikkelen van bekwaamheden.
Onderneming: verkoopt alleen producten
Bedrijf: maakt de producten zelf
7-S-model: achterhalen sterktes en zwaktes van een onderneming
1. Structuur: beschrijving organisatievorm, arbeidsverdeling, organisatieschema
2. Systemen: informatie en communicatiestromen
3. Stijl van management: gedragspatronen van de managers
4. Staf: aandacht voor HRM binnen organisatie
5. Sleutelvaardigheden: activiteiten waar de onderneming volledig in uitblinkt
6. Strategie: plan wat de organisatie wil om doelstellingen te realiseren
7. Significante waarde: de visie
Organisatiedoelstellingen betrekking op:
Belangenevenwicht: ‘’betrouwbare partner’’
Winstgevendheid
Kwaliteit
Effectiviteit en efficiency
Imago
Gedragsregels
Waarom werk verdelen?
Kostenmotief: taken moeten zo worden ingedeeld dat efficiënt functioneren en
produceren mogelijk gemaakt wordt.
Bestuur motief: de wijze waarop taken verdeeld worden, moet besturing en
uitvoering mogelijk maken.
Sociaalmotief: aantrekkelijkheid werk en benutten menselijke kwaliteiten en
organisatiedoelen te halen (HRM)
Maatschappelijk motief: rekening houden maatschappelijke eisen, bv.
Veiligheidseisen.
Hoe structuur aanbrengen: discussies die ontstaan:
Welke mensen gaan samenwerken in afdelingen/ teams
Wie beslist en wie is verantwoordelijk?
Waarom weinig staf toevoegen?
Hoe plat maak je een organisatie: wie is de baas?
Interne differentiatie: samenhang aanbrengen op basis van gelijksoortigheid van het werk.
, F- indeling
Interne specialisatie: samenhang aanbrengen op basis van product, markt of regio.
P-, M-, G-indeling
Interne differentiatie wordt bijna altijd gebruikt bij kleine organisaties.
Voordelen interne differentiatie:
Efficiënt gebruik maken van beschikbare werkkracht, voor meerdere activiteiten
ingezet -> hogere bezettingsgraad.
Specifieke kennis -> efficiënte routines en grotere vaardigheid
Automatisering goed mogelijk
Nadelen interne differentiatie:
Coördinatieproblemen, door het doorbreken van de samenhang
Veel herhaling in werk
Voordelen interne specialisatie: