Sociologie, T2D
HOOR- EN WERKCOLLGE 7 KRITISCHE THEORIE / P. 147-167 + P. 177-183
De kritische theorie kijkt kritisch naar alle veranderingen die er in de samenleving gebeuren. Alle sociale factoren
worden onder de loep genomen en beoordeeld of het wel of niet goed is.
Het neoliberalisme verschuift op vier punten:
1. Het streven naar zoveel mogelijk activiteiten naar de markt te brengen.
2. De omschakeling van welfare naar workfare (minder gemakkelijk om uitkeringen te krijgen).
3. Groei van de bestraffende staat.
4. Overheersende norm van de individuele verantwoordelijkheid.
Karl Marx:
- Het Kapitaal (kritische beschouwing over de economie
- Maatschappelijke problemen komen voort uit kapitalisme (maken en accumuleren van winst.
1. Uitvinden / innoveren van nieuwe producten
2. Terugdringen van arbeidskosten
3. Vervanging arbeidskracht (door machines e.d.)
- Hoofdthema van Marx is: vervreemding
1. Mens (arbeider / werknemer) vervreemd van arbeidsproces (automatisering door machines)
2. Mens (arbeider) vervreemd van arbeidsproduct (niet kwaliteit, maar winst willen)
3. Mens vervreemd van medemens
4. Mens vervreemd van wereld (kwaliteit leven neemt af)
5. Levenssferen van mensen groeien uit elkaar
6. Mens vervreemd van zichzelf
Handelen volgens Habermans:
Volgens Habermans kan communiceren met elkaar op twee manieren worden gedaan:
- Locutieve handeling (verwijzen naar de persoon en bepaalde eigenschappen)
- Illicutieve handeling (beslissen hoe de boodschap moet overkomen)
Tijdens communicatie is er sprake van 3 verschillende geldigheidsaanspraken:
1. Waarheid feiten
2. Juistheid geaccepteerde norm
3. Waarachtigheid uiting van mening en emotie
Communicatief handelen (streven naar gelijke overeenstemming):
1. Geen handelingsdruk voelen
2. Geen machtsverschillen aanwezig zijn
Strategisch handelen:
1. Openlijk / manifest strategisch handelen
geen argumenten, maar positieve of negatieve sancties
2. Bedekt / latent strategisch handelen
manipuleren
Door strategische te handelen krijg je reductie en therapeutocratie.
Vier rollen van het individu in de samenleving (Habermans)
Het broodroostermodel (Kunneman):
Het broodroostermodel is een metafoor. Het wil zeggen dat je een
bepaalde structuur en vorm moet aanhouden (een soort richtlijn). Als jij, als broodje, buiten de lijntjes werkt, pas
je niet meer in de broodrooster. (metafoor)
1
HOOR- EN WERKCOLLGE 7 KRITISCHE THEORIE / P. 147-167 + P. 177-183
De kritische theorie kijkt kritisch naar alle veranderingen die er in de samenleving gebeuren. Alle sociale factoren
worden onder de loep genomen en beoordeeld of het wel of niet goed is.
Het neoliberalisme verschuift op vier punten:
1. Het streven naar zoveel mogelijk activiteiten naar de markt te brengen.
2. De omschakeling van welfare naar workfare (minder gemakkelijk om uitkeringen te krijgen).
3. Groei van de bestraffende staat.
4. Overheersende norm van de individuele verantwoordelijkheid.
Karl Marx:
- Het Kapitaal (kritische beschouwing over de economie
- Maatschappelijke problemen komen voort uit kapitalisme (maken en accumuleren van winst.
1. Uitvinden / innoveren van nieuwe producten
2. Terugdringen van arbeidskosten
3. Vervanging arbeidskracht (door machines e.d.)
- Hoofdthema van Marx is: vervreemding
1. Mens (arbeider / werknemer) vervreemd van arbeidsproces (automatisering door machines)
2. Mens (arbeider) vervreemd van arbeidsproduct (niet kwaliteit, maar winst willen)
3. Mens vervreemd van medemens
4. Mens vervreemd van wereld (kwaliteit leven neemt af)
5. Levenssferen van mensen groeien uit elkaar
6. Mens vervreemd van zichzelf
Handelen volgens Habermans:
Volgens Habermans kan communiceren met elkaar op twee manieren worden gedaan:
- Locutieve handeling (verwijzen naar de persoon en bepaalde eigenschappen)
- Illicutieve handeling (beslissen hoe de boodschap moet overkomen)
Tijdens communicatie is er sprake van 3 verschillende geldigheidsaanspraken:
1. Waarheid feiten
2. Juistheid geaccepteerde norm
3. Waarachtigheid uiting van mening en emotie
Communicatief handelen (streven naar gelijke overeenstemming):
1. Geen handelingsdruk voelen
2. Geen machtsverschillen aanwezig zijn
Strategisch handelen:
1. Openlijk / manifest strategisch handelen
geen argumenten, maar positieve of negatieve sancties
2. Bedekt / latent strategisch handelen
manipuleren
Door strategische te handelen krijg je reductie en therapeutocratie.
Vier rollen van het individu in de samenleving (Habermans)
Het broodroostermodel (Kunneman):
Het broodroostermodel is een metafoor. Het wil zeggen dat je een
bepaalde structuur en vorm moet aanhouden (een soort richtlijn). Als jij, als broodje, buiten de lijntjes werkt, pas
je niet meer in de broodrooster. (metafoor)
1