Basis 1
Samenvatti ng gemaakt door: Max
Ruiters
Hog eschool Windeshe im Zwolle , 1172547
Introductiecollege. Ook zijn deze invloeden te schalen op
1.1 Inhoud van het vak. verschillende niveaus zoals:
Bouwfysica is een deelgebied van de Stedenopbouw
bouwkunde die zich bezig houdt met de Gebouw
natuurkundige verschijnselen die van invloed Een ruimte of vertrek
zijn op de volgende onderwerpen: Voor constructies en materialen
Comfort (binnenklimaat etc.) En voor installaties
Energiehuishouding
De bewoonbaarheid van gebouwen
De duurzaamheid van gebouwen 1.2 Warmteoverdracht.
En de brandveiligheid
Warmte: Warmte is het bewegen van
moleculen. Hoe harder deze bewegingen zijn,
hoe hoger de resulterende temperatuur is.
Een paar van deze natuurkundige
verschijnselen zijn: Wetten van de thermodynamica:
Warmte en energie Eerste wet: Behoud van energie:
Vocht o Potentiële energie
Luchttransport o Kinetische energie
Geluid o Trillingsenergie
En licht o Geluidsenergie
o Warmte
Invloeden van buiten zijn:
Tweede wet: Toename van Entropie
Zon, licht
o Warmte kan niet volledig in
Warmte en vorst
arbeid worden omgezet.
Regen
o Warmte stroomt uit zichzelf
Wind
En geluid alleen van warm naar koud.
Invloeden van binnen zijn:
Warmte = energie, beweging
Warmte, comfort
Waterdamp 1. Moleculen die in beweging zijn
Energie 2. Wrijving die bij beweging plaatsvindt
Geluidwering en geluidsabsorptie
, Temperatuurschaal: 1.2.1 Straling.
1. Celsius: Behalve licht, zien wij indirect ook infrarode
0 graden : hier is het water bevroren straling. Dit voelen wij aan als warm of koud.
(vloeibaar naar vast)
100 graden : hier kookt het water Straling: warmtetransport tussen twee
(vloeibaar naar gas) lichamen die onderling een verschillend
temperatuurniveau hebben.
2. Kelvin:
Let op:
Bij 0 Kelvin ligt het absolute nulpunt,
Meestal is dit bolvormige uitstraling waardoor de
hierbij bewegen moleculen niet meer. intensiteit afneemt met de afstand.
Als de bundel geconcentreerd is op 1 punt dan blijft de
(0 K = -273 graden Celsius) intensiteit gelijk onafhankelijk van de afstand.
Warmte is een vorm van energie-uitwisseling Het warmtetransport door straling kan je
tuseen twee systemen die niet in thermisch berekenen door deze formule:
(warmte) evenwicht zijn. Dit vindt plaats in de
tijd.
Temperatuur is een maat voor deze thermische
energie.
Warmtestroom: het aantal Joule [J] dat per
seconde [s] door een constructie gaat. [J/s], 1.2.2. Convectie / Stroming
dit wordt ook wel Watt genoemd [W]
Convectie: warmtetransport via een materiaal
Hoe groter dit temperatuurverschil [ΔT], hoe
groter de wamtestroom [Q]. Het warme materiaal (vaak lucht of water)
transporteert de warmte naar een koude
De warmtestroom per m2 is de gebied. Er treedt dus verlies op.
warmtestroomdichtheid q [W/m2]
De temperatuurstijging is water is veel
langzamer doordat water een veel hogere
Vormen van warmteoverdracht: capaciteit heeft dan lucht.
1. Geleiding Een medium is een fysiek geheel dat warmte,
2. Straling trillingen etc. kan overdragen.
3. Stroming / convectie
1.2.3. Geleiding
Warmtegeleiding: Energieoverdracht door
contact:
Koud van je hand overgedragen naar
een ruit.
Warmte van een ruit naar je hand.