zorgverlening voor gezonde prematuur geboren kinderen en hun
ouders.
Praktijkadvies
0
Naam: Soraya de With
Studentnummer:
Groepscode: GVE-AIB-VOL-01
Cursuscode: GVE-4.AIB-17
Docenten:
Opdrachtgever:
Contactgegevens opdrachtgever:
Inleverdatum: 31 mei 2021
Aantal woorden inclusief citaten en tabellen =
Citaten en tabellen = woorden
Totaal woorden:
,Voorwoord
U staat op het punt om het adviesverslag, geschreven door Soraya de With, te gaan lezen. Dit is dan
ook het laatste onderdeel van de bachelor verpleegkunde aan de Hogeschool Utrecht. Het
onderwerp betreft de meerwaarde van de JGZ in de zorgverlening voor gezonde prematuren en hun
ouders. De doelgroep betreft jeugdverpleegkundigen.
Dit traject was erg leerzaam. Mijn dank is groot voor de participanten die aan dit onderzoek hebben
meegedaan. Ik wil mijn opdrachtgever, begeleider en docent bedanken voor de steun en feedback
tijdens dit proces.
Veel leesplezier gewenst.
1
, Samenvatting
Aanleiding: Prematuren en hun ouders zijn een kwetsbare groep zorgvragers vanwege een groot
risico op groei- en ontwikkelingsproblemen bij prematuren en een verhoogd risico op een onveilige
hechting tussen ouder en kind. Een goed nazorgtraject na ontslag uit het ziekenhuis is van essentieel
belang. Hier zijn verschillende disciplines voor nodig.
De hoofdvraag van dit onderzoek betrof: Wat zijn naast de reguliere zorg waardevolle en
noodzakelijke elementen in de verpleegkundige zorg voor gezonde prematuren en hun ouders,
ongeacht de zwangerschapsduur, in het eerste levensjaar binnen de JGZ op het consultatiebureau
van de GGD regio Utrecht?
Methode: Gedurende dit kwalitatieve onderzoek zijn er zes semigestructureerde interviews
afgenomen onder jeugdverpleegkundigen binnen team Amersfoort Noord. Ook is er een
literatuurstudie gedaan. De interviews zijn getranscribeerd, gecodeerd en beschreven. De literatuur
is via PubMed, Google Scholar en Cochrane verzameld en beoordeeld aan de hand van de ‘HU
Beoordelingslijst wetenschappelijke publicaties’.
Resultaten: Vanuit de literatuur is multidisciplinaire samenwerking, net als extra aandacht voor de
voeding, groei en ontwikkeling, het huilgedrag, voorkeurshoudingen, beleving en hechting van ouder
en kind in de zorg voor prematuren van belang. Ouders hebben vooral behoefte aan extra informatie
vanuit zorgprofessionals en sociale steun. De interviews laten zien dat er veel richtlijnen in de zorg
voor voldragen kinderen en prematuren gebruikt worden, de specifieke richtlijn over prematuren
wordt niet direct geraadpleegd. Verder is er geen direct contact tussen jeugdverpleegkundigen en
het ziekenhuis terwijl hier vanuit jeugdverpleegkundigen wel behoefte aan is, net als extra
scholingen, inzichten vanuit het ziekenhuis, aanpassingen van het dossier en prematuur gerichte
handvatten. 2
Conclusie: De jeugdverpleegkundigen verlenen op veel gebieden volgens de literatuur en de JGZ-
richtlijn de juiste zorg. De waardevolle en noodzakelijke elementen zoals het raadplegen van de
richtlijn prematuren en direct contact tussen het ziekenhuis en jeugdverpleegkundigen ontbreken
hier echter nog in.
Inhoud