100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting Informatiewetenschap tentamentraining (p4)

Puntuación
4.0
(1)
Vendido
3
Páginas
70
Subido en
24-01-2022
Escrito en
2020/2021

Informatiewetenschap volledige tentamentraining met antwoorden

Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
24 de enero de 2022
Número de páginas
70
Escrito en
2020/2021
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

Leermodule 4 – De menselijke factor

Training 1: Introductie

1. Wat kan de 'Diffusion of Innovation'-theorie ons leren voor de inzet van
informatieverwerkingssystemen?
a. Wanneer we het systeem ontwerpen, moeten we het systeem optimaliseren voor
gebruik door de early adopters-groep.
b. We moeten elk van de potentiele gebruikerstypen afzonderlijk aanspreken in
marketing, managementinstructies en/of training.
c. Bij het ontwerpen van het systeem moeten we het systeem optimaliseren voor
gebruik door de meerderheidsgroepen.
d. We moeten proberen de indruk te vermijden dat ons systeem echt nieuwe technologie
is.

2. Web-usability consultant Jakob Nielsen stelde drie fasen voor in de digital divide. Welke van
de volgende opties is NIET zo'n fase?
a. Usability divide
b. Economic divide
c. Personality divide
d. Empowermetn divide

3. Volgens Datareportal's Global Digital Overview 2020 heeft 59% van de wereldbevolking
toegang tot internet. Wat betekent dit voor de digital divide?
a. Minder dan 41% heeft te lijden onder de digital divide, want geen toegang tot internet
betekent niet dat je geen toegang hebt tot computers.
b. Meer dan 41% heeft te lijden onder de digital divide, aangezien toegang tot internet
niet betekent dat je weet hoe je het moet gebruiken.
c. 41% heeft te lijden onder de digital divide.

4. Mensen in welke regio in de wereld hebben de minste toegang tot internet?
a. Centraal-Azie.
b. Zuid-Amerika.
c. Centraal Afrika.
d. Zuid-Azie

5. Er zijn verschillende manieren waarop je schermtekst toegankelijker kunt maken voor mensen
met een visuele beperking. Wat is er NIET een van?
a. Gebruik kleuren die niet verward kunnen worden.
b. Zorg voor een goed contrast.
c. Gebruik lettertypen die groot genoeg zijn.
d. Stel het zo in dat tekst-naar-spraak correct werkt.
e. Vergroot de redundantie door makkelijker herkenbare en/of niet-dubbelzinnige
woorden te gebruiken


6. Welke groep heeft in de theorie van de 'Diffusion of Innovation' de grootste invloed op de
andere groepen?
a. Laggards.
b. Innovators.
c. Late majority.

, d. Early majority.
e. Early adopters.

7. De inleidende video 'Invloeden op design - cultuur' somt een aantal onderscheidende
kenmerken op die een cultuur definieren. Welke van de volgende was NIET inbegrepen?
a. Gedeelde waarden.
b. Gedeeld gedrag.
c. Gedeelde etniciteit.
d. Gedeelde attitudes.
e. Gedeelde overtuigingen.
f. Gedeelde tradities.

8. Welke van de volgende redenen om persoonlijke assistenten zoals Siri en Google Assistant te
leveren, is (waarschijnlijk) NIET bedoeld door de providers?
a. Inkomsten uit abonnementskosten.
b. Reclame maken voor producten en diensten.
c. Big Data-verzameling
d. Mensen helpen computertechnologie te gebruiken.

9. Als we proberen om digitale creaties voor zoveel mogelijk mensen beschikbaar te maken
('toegankelijkheid'), vertaalt dit zich dan in het doornemen van een checklist van handicaps en
het zorgen voor elk ervan?
a. Ja, stoornissen in zicht, gehoor, motoriek en/of cognitie.
b. Ja, maar de checklist wordt af en toe uitgebreid met een nieuw item.
c. Nee, dat is maar een aspect van toegankelijkheid.
d. Nee, toegankelijkheid gaat niet over handicaps, maar eerder over psychologische
instelling.

10. Er zijn verschillende manieren waarop je gesproken tekst toegankelijker kunt maken voor
mensen met gehoorproblemen. Welke van de volgende opties helpt het MINST?
a. Voeg onderschriften toe.
b. Voeg gebarentaal toe.
c. Zorg dat de spreker altijd naar de camera toe praat.
d. Voeg transcripties toe.

11. Welke groep was in de theorie van de ‘Diffusion of Innovation’ NIET aanwezig?
a. Early majority
b. Late majority
c. Early adopters
d. Late adopters


12. Wat wordt bedoeld met ‘digital divide’?
a. De kloof tussen aanbieders van social media platforms en hun klanten.
b. De tweedeling van mensen in degenen die hun privacy kunnen beschermen en
degenen die dat niet kunnen
c. De kloof tussen de mensen die kunnen profiteren van de voordelen van
informatietechnologie en internettoegang, en degenen die dat niet kunnen.
d. De tweedeling van mensen langs geslachtslijnen, versterkt door de sociale media.

13. In de theorie van de 'Diffusion of Innovation' bleken verschillende factoren het lidmaatschap
van een groep te beinvloeden. Welke factor werd NIET genoemd?

, a. Leeftijd.
b. Persoonlijkheid.
c. Sociale contacten.
d. Sociale status
e. Financiële status.
f. Geslacht.

14. Wat wordt in het kader van informatieverwerkingssytemen bedoeld met ‘toegankelijkheid’?
a. De poging om ze voor zoveel mogelijk mensen beschikbaar te maken.
b. De mate waarin toegang kan worden verkregen tot verschillende subsets van de
gegevens.
c. De belangrijkste keuze van invoermethode.
d. Het abonnementsmodel.

, Training 2: Menselijke verwerking

1. Kunnen leren en training je helpen om te voorkomen dat je misleid wordt door logical fallacies
en/of cognitieve biases?
A. Logical fallacies kunnen veel makkelijker worden overwonnen dan cognitieve biases.
B. Noch logical fallacies, noch cognitieve biases kunnen worden overwonnen met enigerlei vorm
van training.
C. Zowel logical fallacies als cognitieve biases kunnen worden overwonnen met een zekere mate
aan training.
D. Cognitieve biases kunnen veel makkelijker worden overwonnen dan logical fallacies.

2. Er zijn verschillende biases die onze indruk van mensen die we zojuist hebben ontmoet, zullen
beinvloeden. Welke van de volgende biases hoort hier NIET bij?

A. Clustering Illusion.
B. Inter-group bias.
C. Salience.
D. Stereotyping.


3. Bekijk het volgende argument: 'Democratie is het enige goede regeringssysteem. Het is
tenslotte uitgevonden door de Grieken, die de basis hebben gelegd voor de moderne wereld.
En tegenwoordig wordt het door de meeste landen op aarde gebruikt. Het is veel beter dan
dictatuur. Niemand heeft iets beters bedacht. ' Welke logical fallacy is hier NIET gebruikt?

A. Burden of proof.
B. Strawman.
C. Appeal to authority.
D. Bandwagon.
E. Black-or-white.

4. Bekijk de volgende argumenten tegen de herverkiezing van Trump: 'Kom op, wie wil er nou
een man die een pruik draagt die bijna wegwaait? Maar serieus, hij veroorzaakte bijna
eigenhandig de Corona-crisis. En als we hem laten wegkomen met alles wat hij heeft gedaan,
kunnen we misschien beter ophouden met verkiezingen en het presidentschap aan de meest
biedende miljardair verkopen. Biden is zeker degene die we moeten kiezen, vooral gezien het
feit dat de andere opties de veel te linkse Sanders en de veel te rechtse Trump zijn. ' Welke
logische denkfout is hier NIET gebruikt?
A. Anecdotal.
B. Slippery slope.
C. Middle Ground.
D. Ad hominem.
E. False cause.


5. 'The only policy that effectively reduces public shootings is right-to-carry laws. Allowing
citizens to carry concealed handguns reduces violent crime. In the 31 states that have passed
right-to-carry laws since the mid-1980s, the number of multiple-victim public shootings and
other violent crimes has dropped dramatically. Murders fell by 7.65%, rapes by 5.2%,
aggravated assaults by 7%, and robberies by 3%.' Welke logical fallacy is hier actief?

A. False cause.
$4.17
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada


Documento también disponible en un lote

Reseñas de compradores verificados

Se muestran los comentarios
3 año hace

4.0

1 reseñas

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Reseñas confiables sobre Stuvia

Todas las reseñas las realizan usuarios reales de Stuvia después de compras verificadas.

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
joiadebresser Radboud Universiteit Nijmegen
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
131
Miembro desde
5 año
Número de seguidores
69
Documentos
19
Última venta
3 meses hace

4.3

13 reseñas

5
5
4
7
3
1
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes