H1
De persoonsvorm in de t.t.
Is ik onderwerp? Schrijf alleen de stam: ik loop, ik word.
Is iets anders ow? Stam + t (jij loopt, u loopt, hij wordt).
Staat je na de persoonsvorm en is je te vervangen door jij: geen -t
Staat de persoonsvorm in het meervoud? Schrijf het hele werkwoord: we lopen, ze worden.
De persoonsvorm in de v.t.
Regelmatig werkwoord? Schrijf stam = -te(n) of stam + de(n). Gebruik t kfschp.
Het voltooid deelwoord of tegenwoordig deelwoord
Het voltooid deelwoord begint vaak met ge en eindigt op t/d. gerookt, gebeurd. Gebruik
t kfschp.
Schrijf de bijvoeglijke vorm zo kort mogelijk
- Het bestede bedrag
- De rode auto.
Gebiedende wijs
Meestal stam zonder t. kom, word lid.
Uitzondering: de beleefdheidsvorm waarbij u het onderwerp is, krijgt t. u kunt.
Engelse werkwoorden
Doe t kfschip.
H2
Basisregel: s of en
Kachel kachels, hond honden