Financiële Zelfredzaamheid (H7 + H8)
Sparen
- het niet consumeren van een deel van je inkomen
- rendement laag (opbrengst in %)
- risico laag
- marktrente = actuele rente
Beleggen
- het investeren van geld in obligaties, aandelen, beleggingsfonds onroerend goed,…
- doel: vergroten van vermogen
- rendement hoog (opbrengst in)
- risico hoog
- lange termijn (10-20 jaar)
Aandelen
- eigendomsbewijzen in een onderneming (vn)
- nominale waarde = waarde aandeel
- koerswaarde/beurskoers = prijs van aandeel
- rechten aandeelhouders:
o dividend = recht op deel van winst
o stemrecht algemene vergadering van aandeelhouders
o informatierecht in vn
- via beurs of beurshandelaar
Obligaties
- stukjes van gesplitste obligatielening (€1000)
- een schuldbekentenis
- nominale waarde = waarde obligatie
- koerswaarde/beurskoers = prijs van obligatie, uitgedrukt in % van nominale waarde
- einde looptijd: nominale waarde terug
1. in 1 keer
2. elk jaar tijdens lening 10-20%
- via beurs
- couponrente = rente% over nominale waarde van obligatie
Pari
- koerswaarde gelijk aan nominale waarde
- koers beneden pari: marktrente > couponrente
- koers boven pari: couponrente > marktrente
Beleggingsfonds
- verzamelt inleg van groot aantal beleggers en belegt die.
- voor beginners en niet geïnteresseerde in ondernemingen
- voordeel: spreiding groot (ups en downs maakt minder uit)
, Call optie
- koper: recht om aandelen te kopen tegen uitoefenprijs
o wint per optie = (huidige koers – uitoefenprijs – optiepremie) x 100
> max verlies is optiepremie x 100
> halen bij verwachting koersstijging
- schrijver: plicht om aandelen te leveren tegen uitoefenprijs
o winst koper = verlies schrijver
> geven bij verwachting koersdaling
Put optie
- koper: recht om aandelen te verkopen tegen uitoefenprijs
o wint per optie = (uitoefenprijs – huidige koers – optiepremie) x 100
> max verlies is optiepremie x 100
> halen bij verwachting koersdaling
- schrijver: plicht om aandelen af te nemen tegen uitoefenprijs
o winst koper = verlies schrijver
> geven bij verwachting koersstijging
Sparen
- het niet consumeren van een deel van je inkomen
- rendement laag (opbrengst in %)
- risico laag
- marktrente = actuele rente
Beleggen
- het investeren van geld in obligaties, aandelen, beleggingsfonds onroerend goed,…
- doel: vergroten van vermogen
- rendement hoog (opbrengst in)
- risico hoog
- lange termijn (10-20 jaar)
Aandelen
- eigendomsbewijzen in een onderneming (vn)
- nominale waarde = waarde aandeel
- koerswaarde/beurskoers = prijs van aandeel
- rechten aandeelhouders:
o dividend = recht op deel van winst
o stemrecht algemene vergadering van aandeelhouders
o informatierecht in vn
- via beurs of beurshandelaar
Obligaties
- stukjes van gesplitste obligatielening (€1000)
- een schuldbekentenis
- nominale waarde = waarde obligatie
- koerswaarde/beurskoers = prijs van obligatie, uitgedrukt in % van nominale waarde
- einde looptijd: nominale waarde terug
1. in 1 keer
2. elk jaar tijdens lening 10-20%
- via beurs
- couponrente = rente% over nominale waarde van obligatie
Pari
- koerswaarde gelijk aan nominale waarde
- koers beneden pari: marktrente > couponrente
- koers boven pari: couponrente > marktrente
Beleggingsfonds
- verzamelt inleg van groot aantal beleggers en belegt die.
- voor beginners en niet geïnteresseerde in ondernemingen
- voordeel: spreiding groot (ups en downs maakt minder uit)
, Call optie
- koper: recht om aandelen te kopen tegen uitoefenprijs
o wint per optie = (huidige koers – uitoefenprijs – optiepremie) x 100
> max verlies is optiepremie x 100
> halen bij verwachting koersstijging
- schrijver: plicht om aandelen te leveren tegen uitoefenprijs
o winst koper = verlies schrijver
> geven bij verwachting koersdaling
Put optie
- koper: recht om aandelen te verkopen tegen uitoefenprijs
o wint per optie = (uitoefenprijs – huidige koers – optiepremie) x 100
> max verlies is optiepremie x 100
> halen bij verwachting koersdaling
- schrijver: plicht om aandelen af te nemen tegen uitoefenprijs
o winst koper = verlies schrijver
> geven bij verwachting koersstijging