100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Class notes

2.B.2. HC's, VO's & ZO's week 1, incl. slimstuderen

Rating
-
Sold
-
Pages
17
Uploaded on
07-03-2015
Written in
2012/2013

Collegedictaat van 17 pagina's voor het vak 2.B.2 aan de EUR

Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 7, 2015
Number of pages
17
Written in
2012/2013
Type
Class notes
Professor(s)
Unknown
Contains
All classes

Content preview

Samenvatting week 1

Immunologische tolerantie
- Het gecontroleerd niet reageren op antigenen waartegen potentieel een
reactie kan plaatsvinden. Immuun systeem kan wel reageren op eigen
weefsels, maar doet dit niet omdat het onder controle wordt gehouden.
- Is antigeen specifiek
- Komt tot stand door lymfocyten:
o Te verwijderen (klonale deletie)
o Te inactiveren (klonale anergie)
o In bedwang houden (suppressie)

T-cellen ‘leren’ in de thymus het verschil tussen lichaamsvreemde en
lichaamseigen cellen.
Positieve selectie voor cellen gericht tegen lichaamsvreemde antigenen.
Hierna gaan ze naar perifere lymfoïde organen.
- Negatieve selectie (klonale deletie) voor cellen gericht tegen
lichaamseigen antigenen. Deze cellen gaan naar periferie en kunnen
opnieuw geïnactiveerd worden (klonale anergie).
- Cel leeft nog wel, maar reageert niet meer op blootstelling aan antigeen.
- Andere cellen kunnen ook de cellen gericht tegen eigen antigenen
onderdrukken (suppressie).
Tijdens zwangerschap
- Moeder tov kind: voornamelijk klonale anergie en suppressie .
- Bij tweelingen: ook nog klonale deletie.
- Klachten van auto-immuunziekten worden minder door actieve
immunsuppressie van eigen lichaam.

Auto-immuniteit
- Normale immunologische reactie op lichaamseigen structuren. Heel
fysiologisch -> iedere dag worden er ery’s en darmepitheel afgebroken.

Auto-immuunziekte
- Abnormale immunologische reactie op lichaamseigen structuren.
- Verstoring fysiologie, weefselbeschadiging en ziekte.

Natuurlijke vs. pathogene autoantistoffen
Natuurlijke Pathogene
Isotype Meestal IgM Meestal IgG
Specificiteit Diverse 1 autoantigeen
autoantigenen,
polyreactief
Somatische Nee Ja
mutaties
Affiniteit voor Laag Hoog
autoantigenen
Voorkomen bij Alle gezonde mensen Patiënten met auto-
immuunziekte
Normale functie Eerste
verdedigingslinie
opruimen celresten
immuunregulatie?
Er zijn 2 type auto-immuunziekte.

, - 1 orgaan/weefsel/celtype (graves). Er is een associatie met andere auto-
immuunziektes.
- Systemische (systemisch lupus erythematosis ) -> alle organen kunnen
worden aangetast.
DM type 1
- Geactiveerde autoreactieve Tkillercel (gestuurd door T-helper) infiltreert
eilandje van langerhans waardoor deze wordt aangevallen en beschadigd
wordt waardoor insulineproductie omlaag gaat.
- T-helpercellen activeren ook de B-cellen die autoantistoffen produceren die
voor nog meer schade zorgen.

Auto-immuunthyreoiditis
- Destructie vooral door Tk en macrofaag activatie door Th1 (IFN)
- Vaker bij vrouwen en ouderen dan bij mannen en jongeren, maar weer niet
bij hele oude mensen.
- Marker autoantistoffen: TPO en Tg

Auto antistoffen tegen TSH-R
- Anti SHR antistoffen veroorzaken de schildklier auto-immuniteit
- Verticale overdracht
- Stimulerend (antistof lijkt op TSH) en remmend (blokkerende antistof)
effect

Factoren van invloed op ontstaan auto-immuunziekten:
- Genetisch (HLA is heel belangrijk)
- Immunodeficientie (C, Ts-cellen)
- Hormoonspiegels (hoge oestrogeen concentraties)
- Leeftijd
- Stress
Omgeving
- Infecties (virussen, bacteriën, parasieten)
- Geneesmiddelen
- Voedsel (gluten)
- UV
- Trauma

Endocriene systeem, CZS en afweersysteem bepalen samen of er een
immuunziekte ontstaat.

Moleculaire mimicry
- Acuut reuma, coeliakie, psoriasis, Guillain-Barré syndroom (macrofaag eet
myeline van zenuw op -> neurologische uitval).
- Er is een voorafgaande ziekte waarna een auto-immuunziekte ontstaat, het
m.o. die de ziekte veroorzaakte lijkt erg op een lichaamseigen stof zoals op
antistoffen of op t-cellen. Dit veroorzaak een kruisreactie, want de
lichaamseigen stof zal ook worden aangevallen, omdat deze lijkt op het
m.o.

Herkenning auto-immuunziekten
- Specifiek klinische beeld
- Aanvullend onderzoek (lab, beeldvorming, functionele testen, biopsie)

Medicamenteuze behandeling
- Suppletie

, - Ontstekingsremmers

TNF alfa staat helemaal centraal in het ontstekingssysteem. Heeft effect op alle
celtypes. Geeft goede ontstekingsremmende resultaten. Veel factoren
beïnvloeden TNF-alfa (kan omhoog gaan bij infectie). Is vaak gestoord bij auto-
immuunziekten.
Herkenning Effect
Micro-organisme Weerstand
Eigen antigeen Auto-immuunziekte
Exogeen antigeen (niet Overgevoeligheid
microbieel) (allergie)

Aard van stoornis Benaming
Te geringe werking immunodeficiënti
e
Te sterke activiteit allergie
Activiteit tegen eigen auto-
lichaam immuunziekte
Kwaadaardige woekering leukemie

B-lymfocyten kunnen hun receptoren herschikken. Als dit niet goed is gaan ze dit
steeds weer opnieuw doen. Als het wel goed is, komt het in de periferie terecht.
Autoreactieve B-lymfocyten rijpen ook uit en gaan naar periferie.

T-lymfocyten is hetzelfde aan de hand. Kunnen cellen doodgaan (apoptose).
Kunnen autoreactief zijn en toch differentiëren naar regulatoire T-lymfocyten
(suppressor cellen). Dit noem je phenotypic skewing.
Anergetische cellen kunnen niet meer. Ze zien het antigeen wel, maar krijgen
geen tweede signaal (cytokines). Ook kunnen de cellen alsnog in apoptose gaan
of genegeerd worden, waardoor ze geen hulp krijgen. Dit zijn allemaal
intrinsieke mechanismen.

Geïnduceerde regulatoire T-cel -> maken cytokines (IL-10 of TGF-beta ->
supprimerende cytokines) en zorgen ervoor dat de helpercel niet uitgroeit tot een
echte T-helpercel.

Natuurlijk voorkomende CD25 +CD4+ Tregulator cellen (suppressor cellen).
- Rol in regeling van tolerantie
- Dysfunctie leidt tot ernstige of zelfs fatale immunopathologie
- Rol bij kanker, infecties en allergieën
- Gemaakt in thymus, subpopulatie van T-cellen.
- Essentieel voor de negatieve controle bij pathologische en fysiologische
processen in het lichaam
- Deficiëntie kan leiden tot auto-immuniteit, immunopathologie en zelfs
allergie

IPEX (immuun dysregulatie, poli-endocrinopathie, enteropathie en x-linked
syndroom) patiënt zijn vrijwel altijd jongens. Geen regulatoire T-cellen, dan krijgt
ie auto-immuunziekte, IBD, of allergieën krijgt, of combinaties. Syndroom van
systemische auto-immuniteit door een mutatie in FOXP3 -> schijnbaar belangrijk
voor T-cel homeostase.

Anti-idiotype antistof:
$4.17
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
Sophiep

Get to know the seller

Seller avatar
Sophiep Erasmus Universiteit Rotterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
7
Member since
10 year
Number of followers
4
Documents
84
Last sold
3 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions