100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Statistiek 1A

Rating
-
Sold
10
Pages
5
Uploaded on
27-10-2021
Written in
2020/2021

Samenvatting Statistiek 1A

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
October 27, 2021
Number of pages
5
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

Statistiek 1A

College 1 – Steekproeven en metingen
Soorten statistieken
Descriptieve statistieken: gemiddelde populatie of gemiddelde steekproef (beschrijvend).
Inferentiële statistieken: voorspelling voor de populatie op basis van de steekproef.
Parameter: numerieke samenvatting van de populatie.
Experimenteel: onderzoek doen op basis van een experiment.
Observationeel: onderzoek doen op basis van observaties.

Soorten variabelen
Kwantitatieve variabelen: de scores zijn getallen (inkomens, tentamencijfers, aantal tweets, gewicht).
Kwantitatieve variabelen zijn discreet of continu.
Kwalitatieve variabelen: de scores zijn labels en getalsinformatie heeft geen betekenis (favoriete
politieke partij, haarkleur, wijn- of bierdrinker). Kwalitatieve variabelen zijn altijd discreet.
Continu: alle waarden op een interval en tussen elke score ligt tenminste nog één andere score
(inkomen en gewicht).
Discreet: beperkt aantal waarden en kan niet onderverdeeld worden (afgeronde tentamencijfers en
aantal tweets).

Soorten meetniveaus
Nominaal: gevallen hebben verschillende scores (hond, kat) (beroep, geslacht).
Ordinaal: gevallen kunnen gerangschikt worden, er zit een bepaalde volgorde in (van nooit naar vaak)
(politieke oriëntatie, schooldiploma).
Interval: het verschil tussen getallen (2x meer dan) (IQ, temperatuur, geboortejaar).
Ratio: meer of minder dan (lichaamslengte, temperatuur, studiepunten). Ratio meetniveau heeft een
absoluut nulpunt, wat een afwezigheid van x betekent.




Bias (vertekening)
Sampling bias: niet iedereen heeft een gelijke kans om in de steekproef te komen (volunteer
sampling (mensen bepalen zelf of ze in de steekproef zitten), undercoverage, overcoverage). Gaat
om fouten die betrekking hebben op de manier waarop de steekproef is getrokken, er zullen dus
mensen ontbreken of overgepresenteerd zijn (telefonische interviews afnemen tussen 09:00 en
17:00).
Response bias: respondent geeft fout antwoord (liegen, foutieve vraagstelling). Respondent is wel
bereikt voor het onderzoek en de steekproef is ook goed getrokken, maar de respondent
beantwoordt de vraag fout.
Non-response bias: respondent wordt niet bereikt, wil niet meewerken of beantwoordt niet alle
vragen. De steekproef is dus wel goed getrokken, maar gaat om vragen die niet of fout beantwoord

, worden. Kan ook zijn dat de respondent niet bereikt is of niet mee wil doen, of hij slaat sommige
vragen bewust over.

Sampling methoden (hoe trek je de steekproef)
Simple random sample: iedereen heeft gelijke kans op deelname (enquête onder studenten op basis
van studentnummer).
Cluster sampling: deel de populatie op in verschillende clusters en trek vervolgens een simple
random sample.
Stratified sampling: populatie opdelen in groepen soortgelijke individuen (strata) en trek een simple
random sample binnen de groep (bij etnische minderheden). Twee vormen van stratified sampling:
1. Proportional stratified sampling: populatie opdelen in verschillende strata en simple random
sample trekken. De grootte van de simple random sample proportioneel ten aanzien van de
grootte van de populatie (20% internationale studenten, 10 internationalen en 40
Nederlanders trekken);
2. Disproportional stratified sampling: populatie opdelen in verschullende strata en simple
random sample trekken. De grootte van de simple random sample wordt zo bepaald dat er
van beide groepen goede voorspellingen kunnen worden gemaakt (100 internationalen en
100 Nederlanders).

College 2 – Descriptieve statistieken
Verdeling van variabelen
Univariate verdeling: verdeling van één variabele.
Bivariate verdeling: verdeling van twee variabelen.
Multivariate verdeling: verdeling van meer dan twee variabelen.
Relatieve frequentieverdeling: tabel die de percentages toont.

Centrum van de data
Gemiddelde: de som van de observaties gedeeld door het totaal aantal observaties. Wordt sterk
beïnvloed door uitbijters en niet zinvol bij nominale en ordinale data. Wel zinvol bij discrete,
kwantitatieve data (formule: alle observaties / totaal).
Mediaan: de observatie die precies in het midden van een geordende steekproef valt. 50% van de
data valt boven de mediaan en 50% van de data valt onder de mediaan. Wordt niet sterk beïnvloed
door uitbijters en is niet zinvol bij nominale data. Wel zinvol bij ordinale, discrete en kwantitatieve
data (formule: eerst ordenen, dan totaal +1/2).
Modus: de meest voorkomende observatie. Wordt niet sterk beïnvloed door uitbijters en is zinvol bij
nominale, ordinale, discrete en kwantitatieve data.

(Symmetrische) verdelingen
Symmetrische (klokvormige) verdeling: het gemiddelde, de mediaan en de modus komen overeen.
Scheve (links of rechts) verdeling: het gemiddelde, de mediaan en de modus komen niet overeen.

College 3 – Descriptieve statistieken
Variatie in data
Range: het verschil tussen de grootste en de kleinste observatie. Geeft noodzakelijke informatie bij
het interpreteren van het centrum van de data. De spreiding bepaalt hoeveel vertrouwen je kunt
hebben in de gemiddelde / mediaan.
Deviatie: het verschil tussen een observatie en het gemiddelde. Geeft noodzakelijke informatie bij
het interpreteren van het centrum van de data. De spreiding bepaalt hoeveel vertrouwen je kunt
hebben in de gemiddelde / mediaan (formule standaarddeviatie: ∑(observaties-gemiddelde)² / N-1 =
wortel uitkomst) (formule bij proporties: wortel proportie X * proportie Y).

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
marijke_vriezema NHL Stenden Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
48
Member since
8 year
Number of followers
25
Documents
22
Last sold
9 months ago

2.5

2 reviews

5
0
4
0
3
1
2
1
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions