Biologie Samenvatting TW1
H4 BS 1 t/m 6, 9
Basisstof 1 – Je verandert…
Geslachtskenmerken = kenmerken waaraan je ziet welk geslacht het is
Primaire geslachtskenmerken = de geslachtskenmerken die al bij de geboorte aanwezig zijn
Secundaire geslachtskenmerken = de geslachtskenmerken die ongeveer vanaf je tiende ontstaan
Geslachtskenmerken man
Primair Secundair
Penis Baard
Balzak Borsthaar
- Baard in de keel
- Gespierdere lichaamsbouw
Geslachtskenmerken vrouw
Primair Secundair
Vagina Bredere heupen
Schaamlippen Borsten
- Rondere lichaamsvormen
In de puberteit verander je ook geestelijk:
1. Je wordt zelfstandiger
2. Je gevoelens veranderen (empathie, geaardheid, etc.)
In de pubertiet verander je ook sociaal:
1. Anders opstellen tegenover je ouders
2. Wie zijn je vrienden (wat maakt ze leuk?)
Basisstof 2 - Mannelijk geslachtsdeel
Leerdoelen bij basisstof 2:
1. Je weet wat de hypofyse + hormonen zijn
2. Je kent de onderdelen van het mannelijke voortplantingsorgaan
3. Je kent de functie van de onderdelen van het mannelijks voortplantingsorgaan
4. Je weet hoe de biologische werking van een erectie gaat.
Hypofyse = hormooncentrum hersenen
Hormonen = boodschapperstof (geeft opdrachten voor bepaalde processen in het lichaam)
Testosteron → mannelijk hormoon → testosteron zorgt voor secundaire geslachtskenmerken man.
, ’
Functies:
Bijbal: de zaadcellen worden hierin tijdelijk opgeslagen.
Prostaat: voegt vocht toe aan de zaadcellen
Voorhuid: beschermt de eikel van bacteriën en zorgt ervoor dat de eikel minder gevoelig is
Eikel: onderdeel met een prikkel, waardoor een man seksueel opgewonden wordt
Urineblaas: slaat urine tijdelijk op
Zaadleider: vervoeren de zaadcellen
Zaadblaasjes: voegt vocht toe aan de zaadcellen
Zwellichaam: vullen zich met bloed, hierdoor worden ze groter en steviger en veroorzaakt daarbij
een erectie.
Teelbal: produceren zaadcellen
Balzak: plaats waarin de teelballen zitten.
Urinebuis: vervoert urine en zaadcellen naar buiten de penis.
Penis: onderdeel wat wordt gebruikt om urine te lozen en geslachtsgemeenschap te hebben
Biologische werking van erectie:
Een erectie wordt veroorzaakt door zwellichamen in de penis. Deze kunnen zich met bloed vullen,
waardoor ze steviger en groter worden. Dan komt de penis in erectie.
Basisstof 3 – Vrouwelijk geslachtsdeel
Leerdoelen bij basisstof 3:
1. Ken onderdelen vrouwelijk voortplantingsstelsel
2. Ken de functies
3. Voortplantingsstelsel organen
4. Je kent de begrippen: ovulatie, menstruatie, follikel hypofyse, geel lichaam,
baarmoederslijmvlies (BSV)
H4 BS 1 t/m 6, 9
Basisstof 1 – Je verandert…
Geslachtskenmerken = kenmerken waaraan je ziet welk geslacht het is
Primaire geslachtskenmerken = de geslachtskenmerken die al bij de geboorte aanwezig zijn
Secundaire geslachtskenmerken = de geslachtskenmerken die ongeveer vanaf je tiende ontstaan
Geslachtskenmerken man
Primair Secundair
Penis Baard
Balzak Borsthaar
- Baard in de keel
- Gespierdere lichaamsbouw
Geslachtskenmerken vrouw
Primair Secundair
Vagina Bredere heupen
Schaamlippen Borsten
- Rondere lichaamsvormen
In de puberteit verander je ook geestelijk:
1. Je wordt zelfstandiger
2. Je gevoelens veranderen (empathie, geaardheid, etc.)
In de pubertiet verander je ook sociaal:
1. Anders opstellen tegenover je ouders
2. Wie zijn je vrienden (wat maakt ze leuk?)
Basisstof 2 - Mannelijk geslachtsdeel
Leerdoelen bij basisstof 2:
1. Je weet wat de hypofyse + hormonen zijn
2. Je kent de onderdelen van het mannelijke voortplantingsorgaan
3. Je kent de functie van de onderdelen van het mannelijks voortplantingsorgaan
4. Je weet hoe de biologische werking van een erectie gaat.
Hypofyse = hormooncentrum hersenen
Hormonen = boodschapperstof (geeft opdrachten voor bepaalde processen in het lichaam)
Testosteron → mannelijk hormoon → testosteron zorgt voor secundaire geslachtskenmerken man.
, ’
Functies:
Bijbal: de zaadcellen worden hierin tijdelijk opgeslagen.
Prostaat: voegt vocht toe aan de zaadcellen
Voorhuid: beschermt de eikel van bacteriën en zorgt ervoor dat de eikel minder gevoelig is
Eikel: onderdeel met een prikkel, waardoor een man seksueel opgewonden wordt
Urineblaas: slaat urine tijdelijk op
Zaadleider: vervoeren de zaadcellen
Zaadblaasjes: voegt vocht toe aan de zaadcellen
Zwellichaam: vullen zich met bloed, hierdoor worden ze groter en steviger en veroorzaakt daarbij
een erectie.
Teelbal: produceren zaadcellen
Balzak: plaats waarin de teelballen zitten.
Urinebuis: vervoert urine en zaadcellen naar buiten de penis.
Penis: onderdeel wat wordt gebruikt om urine te lozen en geslachtsgemeenschap te hebben
Biologische werking van erectie:
Een erectie wordt veroorzaakt door zwellichamen in de penis. Deze kunnen zich met bloed vullen,
waardoor ze steviger en groter worden. Dan komt de penis in erectie.
Basisstof 3 – Vrouwelijk geslachtsdeel
Leerdoelen bij basisstof 3:
1. Ken onderdelen vrouwelijk voortplantingsstelsel
2. Ken de functies
3. Voortplantingsstelsel organen
4. Je kent de begrippen: ovulatie, menstruatie, follikel hypofyse, geel lichaam,
baarmoederslijmvlies (BSV)