Proeftentamen
Opgave 1: AC DC (10 punten)
De controller van Halbro heeft voor het product Q, de volgende standaardcalculatie
opgesteld:
Materiaalkosten € 50,-
Direct loon € 20,-
Overige variabele productiekosten € 5,-
Vaste productiekosten € 10,-
Variabele verkoopkosten € 15,-
Vaste verkoopkosten € 20,-
Totaal € 120,-
De normale productie- en verkoopomvang is 60.000 producten Q per jaar. De vaste
verkoopprijs bedraagt €135,= per stuk. Voor het komend jaar is een afzet begroot van
80.000 Q. Gezien de voor dat jaar verwachte beginvoorraad van 15.000 Q is de
productie begroot op 70.000 stuks Q.
Gevraagd:
a) Bereken voor het komend jaar de begrote winst volgens absortion costing
(AC)? (4 punten)
Integrale kostprijs: alle totale kosten = €120
Transactieresultaat: 80.000 x (135 – 120) = 1.200.000
Bezettingsresultaat: (70.000 – 60.000) x 10 = 100.000
Bezettingsresultaat v: (80.000 – 60.000) x 20 = 400.000
------------------ +
Winst = 1.700.000
1
, b) Hoeveel bedraagt de begrote winst indien uitgegaan wordt van de Direct
Costing (DC)? (4 punten)
Opbrengst: 80.000 x 135 = 10.800.000
Var kosten: 80.000 x 90 = 7.200.000
Dekkings: 10.800.000 – 7.200.000 = 3.600.000
Vaste kosten: (60.000 x 30) = 1.800.000
----------------- -
Winst: 1.800.000
c) Geef een toelichting op het verschil tussen beide uitkomsten. (2 punten)
- Ligt aan de voorraadmutatie > 80.000 verkocht en 70.000 geproduceerd / verschil van
10.000 > 10.000 x €10 = 100.000
Opgave 2: Economische levensduur (10 punten)
De onderneming DeVos bezit machine LKP2.
De volgende gegevens hebben betrekking op machine LKP2:
Aanschafprijs € 200.000
Technische levensduur 6 jaar
Restwaarde (op ieder moment) 0
Complementaire kosten jaar 1 € 150.000,-
Complementaire kosten ieder volgend jaar € 37.500 hoger dan het jaar ervoor
Intrestkosten 5% per jaar
Jaarlijkse productie jaar 1 600.000
Jaarlijkse productie iedere volgend jaar 50.000 lager dan het jaar ervoor
a) Hoeveel bedraagt de economisch levensduur van de machine? Laat de
berekening hiervan zien. (4 punten)
3 jaar > 0,4712 het laagste (Tabel uitgewerkt pagina 4)
2
Opgave 1: AC DC (10 punten)
De controller van Halbro heeft voor het product Q, de volgende standaardcalculatie
opgesteld:
Materiaalkosten € 50,-
Direct loon € 20,-
Overige variabele productiekosten € 5,-
Vaste productiekosten € 10,-
Variabele verkoopkosten € 15,-
Vaste verkoopkosten € 20,-
Totaal € 120,-
De normale productie- en verkoopomvang is 60.000 producten Q per jaar. De vaste
verkoopprijs bedraagt €135,= per stuk. Voor het komend jaar is een afzet begroot van
80.000 Q. Gezien de voor dat jaar verwachte beginvoorraad van 15.000 Q is de
productie begroot op 70.000 stuks Q.
Gevraagd:
a) Bereken voor het komend jaar de begrote winst volgens absortion costing
(AC)? (4 punten)
Integrale kostprijs: alle totale kosten = €120
Transactieresultaat: 80.000 x (135 – 120) = 1.200.000
Bezettingsresultaat: (70.000 – 60.000) x 10 = 100.000
Bezettingsresultaat v: (80.000 – 60.000) x 20 = 400.000
------------------ +
Winst = 1.700.000
1
, b) Hoeveel bedraagt de begrote winst indien uitgegaan wordt van de Direct
Costing (DC)? (4 punten)
Opbrengst: 80.000 x 135 = 10.800.000
Var kosten: 80.000 x 90 = 7.200.000
Dekkings: 10.800.000 – 7.200.000 = 3.600.000
Vaste kosten: (60.000 x 30) = 1.800.000
----------------- -
Winst: 1.800.000
c) Geef een toelichting op het verschil tussen beide uitkomsten. (2 punten)
- Ligt aan de voorraadmutatie > 80.000 verkocht en 70.000 geproduceerd / verschil van
10.000 > 10.000 x €10 = 100.000
Opgave 2: Economische levensduur (10 punten)
De onderneming DeVos bezit machine LKP2.
De volgende gegevens hebben betrekking op machine LKP2:
Aanschafprijs € 200.000
Technische levensduur 6 jaar
Restwaarde (op ieder moment) 0
Complementaire kosten jaar 1 € 150.000,-
Complementaire kosten ieder volgend jaar € 37.500 hoger dan het jaar ervoor
Intrestkosten 5% per jaar
Jaarlijkse productie jaar 1 600.000
Jaarlijkse productie iedere volgend jaar 50.000 lager dan het jaar ervoor
a) Hoeveel bedraagt de economisch levensduur van de machine? Laat de
berekening hiervan zien. (4 punten)
3 jaar > 0,4712 het laagste (Tabel uitgewerkt pagina 4)
2