Parodontologie halitose
Leerdoelen:
• Je kent de verschillende vormen van halitose
• Je bent in staat om halitose te diagnosticeren
• Je weet hoe halitose behandeld wordt
Je kan bij halitose 3 verschillende diagnoses stellen,
namelijk:
1. Tijdelijke halitose
2. Halitose
3. Pseudohalitose
Tijdelijke halitose
Dit is de halitose die ontstaat op het moment dat je
iets hebt gegeten of gedronken of je hebt een droge
mond omdat je hebt geslapen.
Pseudohalitose
Het kan ook zo zijn dat een patiënt zelf last denkt te hebben van een slechte adem maar dat
dit helemaal niet het geval is. In dat geval spreken we van pseudohalitose. Wanneer je als
behandelaar daar uitleg over hebt gegeven maar de patiënt nog steeds blijft denken dat hij
last heeft van een slechte adem dan noem je dat; halitofobie.
Intraorale halitose
In de meeste gevallen spreken we van een intra-orale halitose en dan ligt het probleem
intra-oraal, dus het is een probleem dat ten grondslag ligt in de mondholte en de oorzaak
van de geur is daarbij gelegen in de vluchtige zwavelverbindingen die worden geproduceerd
door bacteriën in de mond.
Extraorale halitose
De oorzaak ligt vaak buiten de mondholte. Denk hierbij aan problemen in het keelgebied,
neusgebied, in de longen of in het maagdarmstelsel. Als er daar problemen zijn dan kan er
halitose ontstaan. De prevalentie is echter erg laag.
Prevalentie halitose
• Meer dan 30% van de bevolking heeft last van halitose
• Intraorale halitose (ca. 80%)
• Extra-orale halitose (ca. 4%)
• Pseudohalitose (ca. 15-20%)
o Halitose neemt toe naarmate de leeftijd stijgt
o Paro patiënten hebben meer last van halitose
Leerdoelen:
• Je kent de verschillende vormen van halitose
• Je bent in staat om halitose te diagnosticeren
• Je weet hoe halitose behandeld wordt
Je kan bij halitose 3 verschillende diagnoses stellen,
namelijk:
1. Tijdelijke halitose
2. Halitose
3. Pseudohalitose
Tijdelijke halitose
Dit is de halitose die ontstaat op het moment dat je
iets hebt gegeten of gedronken of je hebt een droge
mond omdat je hebt geslapen.
Pseudohalitose
Het kan ook zo zijn dat een patiënt zelf last denkt te hebben van een slechte adem maar dat
dit helemaal niet het geval is. In dat geval spreken we van pseudohalitose. Wanneer je als
behandelaar daar uitleg over hebt gegeven maar de patiënt nog steeds blijft denken dat hij
last heeft van een slechte adem dan noem je dat; halitofobie.
Intraorale halitose
In de meeste gevallen spreken we van een intra-orale halitose en dan ligt het probleem
intra-oraal, dus het is een probleem dat ten grondslag ligt in de mondholte en de oorzaak
van de geur is daarbij gelegen in de vluchtige zwavelverbindingen die worden geproduceerd
door bacteriën in de mond.
Extraorale halitose
De oorzaak ligt vaak buiten de mondholte. Denk hierbij aan problemen in het keelgebied,
neusgebied, in de longen of in het maagdarmstelsel. Als er daar problemen zijn dan kan er
halitose ontstaan. De prevalentie is echter erg laag.
Prevalentie halitose
• Meer dan 30% van de bevolking heeft last van halitose
• Intraorale halitose (ca. 80%)
• Extra-orale halitose (ca. 4%)
• Pseudohalitose (ca. 15-20%)
o Halitose neemt toe naarmate de leeftijd stijgt
o Paro patiënten hebben meer last van halitose