Economie hoofdstuk 7/8
Hoofdstuk 7:
Het gevangenendillema
De keuze tussen samenwerken en concurreren kan worden bepaald door de speltheorie. Als
de strategie van de speler de beste reactie is, ongeacht de gekozen strategie van de ander,
wordt zo’n strategie een dominante strategie genoemd.
Simultaan spel: de speler bepalen gelijktijdig hun strategie zonder de gekozen strategie van
de tegenstander te kennen.
Niet-coöperatief spel kunnen de spelers niet met elkaar onderhandelen en geen onderlinge
afspraken maken. Bij een coöperatief spel kan dit wel.
Gevangenendillema: hierbij gaat het om een simultaan niet-coöperatief spel. Hierbij komt er
een slechtere uitkomst uit dat het had kunnen worden.
Zelfbinding: Als een speler rekening houdt met de belangen van de tegenpartij
Reputatie: de geloofwaardigheid van een persoon
Prijzenoorlog
Tit-for-tatstrategie
Als jij de prijzen gelijk houdt, doe ik dat ook. Als jij de prijzen verlaagt, doe ik dat ook.
Voor consumenten is dit voordelig want het consumentensurplus neemt toe en het
producentensurplus neemt af.
Daardoor worden er afspraken gemaakt. Dit mag niet van de mededingingswet en daarom
legt de ACM (de Autoriteit Consument & Markt) hier forse boetes op.
Individuele producten: kunnen gesplist worden en zijn individueel leverbare goederen.
Collectieve goederen: producten die de overheid levert en zijn niet splitsbaar
Quasi-collectieve of semicollectieve goederen: individuele goederen die de overheid regelt
Hoofdstuk 8:
Onderhandelingen
Verzonken kosten: Kosten van investeringen die niet terugverdiend kunnen worden op het
moment dat het bedrijf met een activiteit stopt.
Factoren die bepalend kunnen zijn voor het resultaat van onderhandelingen
1. Belang voor de partijen: huizenkoper die zijn eigen huis al verkocht heeft -> koper
heeft dan minder macht in de onderhandelingen
2. Grootte van de onderhandelingen: bijv. AH heeft veel inkoopmacht
3. Mate van samenwerking binnen de onderhandelingspartij bijv. Consumentenbond
4. Mogelijke alternatieven van de partijen: bijv. sollicitant met unieke skills staat sterk in
de onderhandelingen
- Onderhandelaars willen voor zichzelf een zo hoog mogelijk surplus uit de
onderhandeling slepen.
Hoofdstuk 7:
Het gevangenendillema
De keuze tussen samenwerken en concurreren kan worden bepaald door de speltheorie. Als
de strategie van de speler de beste reactie is, ongeacht de gekozen strategie van de ander,
wordt zo’n strategie een dominante strategie genoemd.
Simultaan spel: de speler bepalen gelijktijdig hun strategie zonder de gekozen strategie van
de tegenstander te kennen.
Niet-coöperatief spel kunnen de spelers niet met elkaar onderhandelen en geen onderlinge
afspraken maken. Bij een coöperatief spel kan dit wel.
Gevangenendillema: hierbij gaat het om een simultaan niet-coöperatief spel. Hierbij komt er
een slechtere uitkomst uit dat het had kunnen worden.
Zelfbinding: Als een speler rekening houdt met de belangen van de tegenpartij
Reputatie: de geloofwaardigheid van een persoon
Prijzenoorlog
Tit-for-tatstrategie
Als jij de prijzen gelijk houdt, doe ik dat ook. Als jij de prijzen verlaagt, doe ik dat ook.
Voor consumenten is dit voordelig want het consumentensurplus neemt toe en het
producentensurplus neemt af.
Daardoor worden er afspraken gemaakt. Dit mag niet van de mededingingswet en daarom
legt de ACM (de Autoriteit Consument & Markt) hier forse boetes op.
Individuele producten: kunnen gesplist worden en zijn individueel leverbare goederen.
Collectieve goederen: producten die de overheid levert en zijn niet splitsbaar
Quasi-collectieve of semicollectieve goederen: individuele goederen die de overheid regelt
Hoofdstuk 8:
Onderhandelingen
Verzonken kosten: Kosten van investeringen die niet terugverdiend kunnen worden op het
moment dat het bedrijf met een activiteit stopt.
Factoren die bepalend kunnen zijn voor het resultaat van onderhandelingen
1. Belang voor de partijen: huizenkoper die zijn eigen huis al verkocht heeft -> koper
heeft dan minder macht in de onderhandelingen
2. Grootte van de onderhandelingen: bijv. AH heeft veel inkoopmacht
3. Mate van samenwerking binnen de onderhandelingspartij bijv. Consumentenbond
4. Mogelijke alternatieven van de partijen: bijv. sollicitant met unieke skills staat sterk in
de onderhandelingen
- Onderhandelaars willen voor zichzelf een zo hoog mogelijk surplus uit de
onderhandeling slepen.