Hoofdstuk 2~DNA
Begrippenlijst
adenine een stikstofbase
allel 1 van de genen van een genenpaar / variant van een gen
aminozuur organische stoffen met carboxyl- en aminogroepen. Ongeveer
20 aminozuren spelen een rol als grondstof voor de synthese
van eiwitten
basenparing de stikstofbasen van de beide nucleotidenketens zijn twee aan
twee met elkaar verbonden. (A met T, en C met G)
cDNA complementair DNA of copyDNA
centromeer deel van een chromosoom, waar de twee zusterchromatiden
aan elkaar verbonden zijn. Bij de kerndeling hecht aan het
centromeer de spoeldraad vast
chromatide Eén van de twee helften van een chromosoom, die bij het
centromeer aan elkaar verbonden zijn. In de vroegste stadia
van de celdeling zijn de chromatiden als overlangse helften van
een chromosoom te zien
chromosoom structuur, die in lineaire volgorde genen bevat. Chromosomen
bestaan uit DNA en eiwitten en zijn te zien tijdens mitose en
meiose
codon groep van drie nucelotidebasen (triplet), die codeert voor een
bepaald aminozuur in een eiwit
cytosine een stikstofbase
desoxyribose een suiker met 5 C-atomen per molecuul, bestanddeel van DNA
DNA desoxyribonucleïnezuur, een keten (molecuul) opgebouwd uit
nucleotiden, die bestaan uit een suiker (desoxyribose) een
stikstofbase en een fosfaatgroep
DNA-polymerase enzym dat langs de enkelvoudige nucleotideketens schuift
tijdens de DNA-replicatie en er voor zorgt dat er DNA
dubbelstrengen ontstaan
DNA-replicatie het kopieren van het DNA, waarna een chromosoom bestaat uit
twee chromatiden die vastzitten met een centromeer
DNA-sequentie volgorde van de vier bouwstenen waaruit DNA is opgebouwd
eiwit proteïne of eiwit is een stof waarvan elk molecuul is opgebouwd
uit veel aminozuur-eenheden
epigenetica de studie van wijzigingen in de genexpressie zonder dat er
wijzigingen in de dna-sequentie plaats vinden
epigenetische invloeden die de werking van genen beinvloeden, zoals stress,
factoren voeding en drugs
eukaryoot bij dit organisme ligt het DNA in de celkern (cel bevat
organellen)
1
Begrippenlijst
adenine een stikstofbase
allel 1 van de genen van een genenpaar / variant van een gen
aminozuur organische stoffen met carboxyl- en aminogroepen. Ongeveer
20 aminozuren spelen een rol als grondstof voor de synthese
van eiwitten
basenparing de stikstofbasen van de beide nucleotidenketens zijn twee aan
twee met elkaar verbonden. (A met T, en C met G)
cDNA complementair DNA of copyDNA
centromeer deel van een chromosoom, waar de twee zusterchromatiden
aan elkaar verbonden zijn. Bij de kerndeling hecht aan het
centromeer de spoeldraad vast
chromatide Eén van de twee helften van een chromosoom, die bij het
centromeer aan elkaar verbonden zijn. In de vroegste stadia
van de celdeling zijn de chromatiden als overlangse helften van
een chromosoom te zien
chromosoom structuur, die in lineaire volgorde genen bevat. Chromosomen
bestaan uit DNA en eiwitten en zijn te zien tijdens mitose en
meiose
codon groep van drie nucelotidebasen (triplet), die codeert voor een
bepaald aminozuur in een eiwit
cytosine een stikstofbase
desoxyribose een suiker met 5 C-atomen per molecuul, bestanddeel van DNA
DNA desoxyribonucleïnezuur, een keten (molecuul) opgebouwd uit
nucleotiden, die bestaan uit een suiker (desoxyribose) een
stikstofbase en een fosfaatgroep
DNA-polymerase enzym dat langs de enkelvoudige nucleotideketens schuift
tijdens de DNA-replicatie en er voor zorgt dat er DNA
dubbelstrengen ontstaan
DNA-replicatie het kopieren van het DNA, waarna een chromosoom bestaat uit
twee chromatiden die vastzitten met een centromeer
DNA-sequentie volgorde van de vier bouwstenen waaruit DNA is opgebouwd
eiwit proteïne of eiwit is een stof waarvan elk molecuul is opgebouwd
uit veel aminozuur-eenheden
epigenetica de studie van wijzigingen in de genexpressie zonder dat er
wijzigingen in de dna-sequentie plaats vinden
epigenetische invloeden die de werking van genen beinvloeden, zoals stress,
factoren voeding en drugs
eukaryoot bij dit organisme ligt het DNA in de celkern (cel bevat
organellen)
1