Anesthesiemedewerker
Als het over stoffen gaat, dan gaat het om moleculen en atomen. Moleculen bestaan uit
atomen. Een Atoom is een basisdeeltje. Zoals bijvoorbeeld zuurstof is twee O atomen is
O2.
- Elementen: enkelvoudige stoffen. Deze zijn opgebouwd uit 1 atoomsoort.
Elementen kunnen verschillende vormen aannemen: vast, vloeibaar of gasvormig.
- Verbindingen: zijn samengestelde stoffen zoals bijvoorbeeld water (twee H atomen
en een O).
- Moleculen: Meerdere atomen die samen een compound vormen
Indeling stof/materie
- Mengsels: een verzameling van verschillende stoffen zoals een mix van moleculen en
atomen (dit is dus geen samengestelde stof). Je kunt in principe allerlei losse atomen
met elkaar mengen.
- Zuivere stoffen: verzameling van dezelfde soort deeltjes. Dus scheiding van mengsel
stoffen. Dit zijn of allemaal dezelfde atomen of allemaal dezelfde moleculen
o Enkelvoudige stoffen: deeltjes bestaan uit een soort atoom.
o Samengestelde stoffen verbindingen (zuivere stof maar bestaat wel uit meer
dan 1 atoom): deeltjes bestaan uit meerdere atoomsoorten:
Anorganische stoffen: minerale chemie
Organische stoffen: koolstof chemie
1
,Natuurkundig proces ten opzichte van. Chemisch proces
Beginstof verandert in nieuwe stof
Beginstof andere eigenschappen dan eindstoffen
Chemisch proces = chemische reactie
Chemische reactie is herschikking van atomen
Natuurkundige proces: scheiden, mengen, buigen, breken, knippen, smelten, koken, stollen
en condenseren.
Fysische processen zijn omkeerbaar, maar chemische processen is dit lastiger.
Chemisch: ontleden, synthese, verbranden, oxideren, rotten, verteren, kleuren
Bij een chemisch proces krijg je nieuwe stoffen, bij een natuurkundige reactie niet.
Fun fact: Het hele universum is opgebouwd uit 118 elementen.
2
, A= een zuivere stof
B = ook een zuivere stof. Moleculen van element
C = ook een zuivere stof omdat het allemaal dezelfde zijn
maar wel moleculen van verbindingen. Omdat er meer
dan 1 atoom aan elkaar zit.
D = Mengsel van 2 elementen en ee verbinding
Verbindingen vormen van elementen: Verschillende atomen die aan elkaar plakken.
Mengsel
Homogeen: lijkt alsof het een zuivere stof is zoals zuivere lucht en vinegar
- Oplossing: op elementair niveau goed gemengd.
- Moleculen kunnen tussen elkaar door, geen plukjes en druppeltjes.
Heterogeen (suspensie): twee of meer delen die je kunt zien zoals bloed of beton.
- Suspensie genoemd: is niet lekker te mengen. Je houdt dan eigenlijk klonten zoals bij
bloem in water
- Emulsie: vloeistofdruppeltjes in een andere vloeistof zoals soep. De emulgator is de
stof die doet lijken alsof iets een homogeen mengsel is zoals eigeel bij mayonaise.
3