Week 37
maandag 9 september 2024
21:56
Basisvragen -> H 2 en 3 belangrijkst
H1 - de bestuurlijke kaart van Nederland
1. Wat is Openbaar Bestuur?
Verzameling van partijen binnen en buiten de overheid die zich bezighouden met de
inrichting en sturing van de samenleving.
2. Welke kenmerken heeft het Nederlandse Openbaar bestuur?
Constitutionele monarchie -> koning is staatshoofd, maar zijn handelen is gebonden
aan Gw
Rechtsstaat -> overheid dient zich te houden aan legaliteitsbeginsel -> alleen
handelen op basis van wettelijke bevoegdheden, en burgers beschikken over
grondrechten
(Gedeeltelijke) Trias politica -> spreiding der machten -> wetgeving, hier komt
wetgevende en uitvoerende macht bij kijken
Scheiding van kerk en staat
Parlementair stelsel -> bevolking kiest rechtstreeks Tweede Kamer
Ministeriele verantwoordelijkheid -> ministers zijn verantwoordelijk, ook
voor optreden staatshoofd
Vertrouwensregel -> ministers worden geacht af te treden zodra zij
vertrouwen van volksvertegenwoordiging verliezen (niet verplicht)
Dualistisch -> volksvertegenwoordiging is onafhankelijk van de regering en
ook kunnen de ministers geen deel uitmaken van S-G
Nederlandse bevolking kiest geen bestuurders
Kiesstelsel gebaseerd op evenredige vertegenwoordiging -> aantal zetels voor een
partij is in overeenstemming met de aanhang van die partij onder de bevolking
Gedecentraliseerde eenheidsstaat -> rijksoverheid kan zaken aan lagere overheden
opleggen, anderzijds ook taken en bevoegdheden overgedragen aan lagere
overheden
Geen constitutioneel hof of juryrechtspraak
Omvangrijk functioneel bestuur -> bestuursorganen die een beperkt, wettelijk
vastgelegd takenpakket hebben, zoals de waterschappen
H2 - De Nederlandse staat
3. Hoe wordt een staat gekenmerkt?
Sprake van een specifiek grondgebied
Er is een bevolking
Er is een wettelijke ordening en een bestuurlijke organisatie die gezaghebbend de
wet- en regelgeving kan handhaven
Het wordt erkend door andere staten
4. Hoe is het Nederlandse Koninkrijk ingericht?
Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten
Bonaire, Saba en Sint-Eustatius hebben status van openbaar lichaam, soort van
gemeentes van Nl
Nederlandse koning is staatshoofd van Koninkrijk der Nederlanden, in 3 landen
wordt koning vertegenwoordigd door gouverneur
, Regering koninkrijk bestaat uit de koning en Raad van Ministers -> alle Nl ministers
en 3 gevolmachtigde uit A, C, SM
5. Wat zijn de (belangrijke) eisen aan een (goed functionerende) rechtsstaat?
Overheid mag niet handelen naar willekeur
Moet sprake zijn van Trias Politica
Voorkomt dat staatsmacht absoluut is
Nl voldoet hier niet helemaal aan
Het bestaan van vrije en geheime verkiezingen
Het bestaan van grondrechten (vrijheid van meningsuiting, godsdienst…)
Het bestaan van vrije en onafhankelijke media (persvrijheid)
6. Welke rol spelen autonomie, medebewind en toezicht in de gedecentraliseerde
eenheidsstaat?
Gedecentraliseerde eenheidsstaat -> verschillende bestuurslagen, relatie hiertussen berust
op samenhang van autonomie, medebewind en toezicht
Ambiguïteit -> het is centraal, maar er is toch variatie mogelijk
Autonomie -> medebewind en toezicht; gemeentes en provincies hebben een eigen
bevoegdheid
Medebewind -> de inhoud van regels is vrij, maar er moet wel rekening gehouden
worden met regels van een hogere orde
Toezicht -> overheid kan alles vernietigen wanneer dit in strijd is met wet of
algemeen belang
APV -> Algemene plaatselijke verordening -> wetten die alleen in betreffende gemeente
gelden -> mogen niet in strijd zijn met de algeheel geldende Nederlandse wetgeving
H3 - de politiek-bestuurlijke instituties
7. Hoe verhoudt de Koning zich tot de ministers (in de regering)?
Koning en ministers vormen samen de regering -> koning is onschendbaar, kan niet ter
verantwoording worden geroepen voor zijn daden -> ministeriele verantwoordelijkheid ->
alle daden van de koning zijn onder verantwoordelijkheid van de ministers
Ceremoniële rol -> benoemen van ministers, voorlezen van Troonrede, ondertekenen wetten
Koning kan adviserende rol hebben, bijvoorbeeld tijdens kabinetsformatie
Ministers zonder portefeuille -> geen begroting -> ministers voor…
Ministers van -> wel begroting
8. Welke rechten heeft de Tweede Kamer, en welke van deze rechten heeft de Eerste
Kamer niet?
Recht van initiatief -> leden van Tweede Kamer hebben de mogelijkheid om zelf
wetsvoorstellen in te dienen
Recht van amendement -> Kamerleden kunnen zowel regerings- als
initiatiefvoorstellen van wet amenderen -> er wijzigingen in aanbrengen
Recht van interpellatie -> ieder lid kan na instemming van kamer een discussie
aangaan met een bewindspersoon over een onderwerp dat niet op de agenda staat -
> spoeddebat indien ten minste 30 leden dit verzoek steunen
Mondelinge vragenrecht -> Kamerleden kunnen bewindslieden zowel mondeling als
schriftelijk vragen stellen en zij kunnen moties indienen waarin een wens of een
oordeel kenbaar wordt gemaakt over gevoerd of nog te voeren regeringsbeleid
Recht van enquête -> commissie die met het onderzoek wordt belast op grond van
de Wet op de parlementaire enquête, heeft bevoegdheid om getuigen en
deskundigen onder ede te verhoren -> indien zij weigerachtig zijn, te gijzelen
, Budgetrecht -> begrotingen van de diverse departementen dienen bij wet te worden
vastgesteld
Eerste Kamer beschikt niet over het recht van initiatief, amendement en het mondelinge
vragenrecht
9. Wat zijn de hoge colleges van staat, en welke rollen hebben ze in het nationale
bestel?
Staten-Generaal, Raad van State, Algemene Rekenkamer en Nationale Ombudsman worden
samen aangeduid als de Hoge Colleges van Staat
Staten-Generaal
Eerste en Tweede Kamer
Gekozen door evenredige vertegenwoordiging -> Tweede Kamer rechtstreeks door
het volk, Eerste Kamer door leden van Provinciale Staten -> die ook door volk
gekozen worden
Tweede Kamer -> percentage zetels komt overeen met percentage stemmen
Lijsten die minder stemmen hebben gehaald dan kiesdeler (aantal uitgebrachte
stemmen gedeeld door 150) komen niet in de Kamer
Raad van State -> hoogste adviescollege van regering inzake wetgeving AMvB en verdragen;
tevens belast met rechtsprekende taken van bestuursrechtelijke aard
Koning is de voorzitter, in de praktijk wordt voorzitterschap uitgeoefend door
vicepresident RvS
Tien leden -> gekozen via open sollicitatieprocedure, de raad zelf doet ook
aanbevelingen
3 taken:
Tijdelijke uitoefening van koninklijke gezag wanneer troonopvolger
ontbreekt
Adviestaak -> adviseren over bijv wetsvoorstellen
Rechtsprekende taak -> uitspreken in geschillen tussen burgers en overheid
of verschillende overheden
Algemene Rekenkamer -> belast met onderzoek van ontvangsten en uitgaven van het Rijk
Rechtmatigheidsonderzoek -> wordt gekeken of verplichtingen, uitgaven en
ontvangsten in overeenstemming zijn met begrotingswetten
Doelmatigheidsonderzoek -> Wordt gekeken naar het tegengaan van verspilling van
middelen
Doeltreffendheidsonderzoek -> beleid en uitvoering worden betrokken en de vraag
of burgers ‘waar voor hun geld’ hebben gekregen staat centraal
Moet ieder jaar overzicht van alle verplichtingen, uitgaven en ontvangsten van het
Rijk goedkeuren
Controle op andere rechtspersonen dan de staat (bijv bedrijven waarin de staat
aandelen in bezit)
Bestuurd door het college -> 3 leden -> voorgedragen door Tweede Kamer van
aanbevelingslijst van ARK zelf
Nationale ombudsman -> onafhankelijk orgaan voor het onderzoek van klachten en
gedragingen van bepaalde bestuursorganen, overwegend opererend op nationaal niveau,
taken:
Klachtenbehandeling -> klachten van burgers beoordelen en waar mogelijk oplossen
Iedereen heeft het recht de ombudsman schriftelijk te vragen een onderzoek
in te stellen naar de handelswijze van een bestuursorgaan
Er kan pas beroep op worden gedaan als alle andere vormen van
bestuursrechtelijke rechtsbescherming zijn benut
Brengt elk jaar een verslag uit van zijn werkzaamheden aan beide Kamers en
de ministers
, Verstrekken van informatie over relatie tussen overheid en burger en het
verbeteren van die relatie
Wordt benoemd door Tweede Kamer voor 6 jaar
H5 - Nationaal bestuur: het Rijk -> ministeries even doornemen meer niet
10. Benoem een aantal recente wijzigingen van ministeries
Eerst ministerie van landbouw -> 2010 samengevoegd met economische zaken ->
2017 weer terug als zelfstandig ministerie -> Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
2010 -> ministerie van volkshuisvesting en ruimtelijke ordening opgeheven ->
minister bzk verantwoordelijk voor huisvesting
2010 -> ministerie volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer opgeheven
-> milieu ging naar infrastructuur en milieu -> vanaf 2017 infrastructuur en
waterstaat -> daarnaast ook EZK -> klimaat neutrale samenleving en verduurzaming
economie
11. Hoe is de politie in Nederland georganiseerd?
Nationale politie valt niet rechtstreeks onder ministerie van Justitie en Veiligheid, maar is een
rechtspersoon -> kan zelfstandig rechtshandelingen verrichten, zoals contracten sluiten en
bezittingen verwerven
Is een rechtspersoon met een wettelijke taak -> taken van politie zijn vastgelegd in de
wet -> Politiewet
2 kerntaken:
Handhaving van de rechtsorde;
Handhaving van de openbare orde en veiligheid
Opsporing van strafbare feiten
Hulpverlening aan hen die deze behoeven
Burgemeester van gemeente is verantwoordelijk voor handhaving en heeft dan ook bevoegd
gezag over de politie.
Minister van Justitie is korpsbeheerder.
OM is verantwoordelijk voor vervolging van strafbare feiten.
12. Wat is het verschil tussen een agentschap en een ZBO?
Agentschap -> uitvoerend onderdeel van een ministerie dat intern verzelfstandigd is -> heeft
een eigen resultaatgericht sturingsmodel en financiële administratie
Voorbeelden: Rijkswaterstaat, DUO
Zelfstandige bestuursorganen (zbo’s) -> taken die niet meer door ministeries zelf worden
uitgevoerd, voorbeelden -> CBR, RDW, KvK -> is hetzelfde als rwt -> rechtspersoon met
wettelijke taak
Zijn volgens wet met openbaar gezag bekleed en niet ondergeschikt aan een minister
3 kenmerken;
Zbo is een orgaan, niet per se een organisatie
Zbo heeft altijd een wettelijke basis, kan op 2 manieren opgericht worden;
Bestaande organisatie kan bij wet of andere vorm van regelgeving
worden aangewezen om een taak uit te voeren -> wordt dan met
openbaar gezag bekleed
Door het aannemen van instellingswet door het parlement die
specifiek gaat over het orgaan en de voorwaarden waaronder het
zijn taak uitvoert
Zbo is niet hiërarchisch ondergeschikt aan een minister en dus is minister
niet volledig verantwoordelijk voor wat een zbo doet -> wel verantwoordelijk
voor beleid en toezicht hierop
maandag 9 september 2024
21:56
Basisvragen -> H 2 en 3 belangrijkst
H1 - de bestuurlijke kaart van Nederland
1. Wat is Openbaar Bestuur?
Verzameling van partijen binnen en buiten de overheid die zich bezighouden met de
inrichting en sturing van de samenleving.
2. Welke kenmerken heeft het Nederlandse Openbaar bestuur?
Constitutionele monarchie -> koning is staatshoofd, maar zijn handelen is gebonden
aan Gw
Rechtsstaat -> overheid dient zich te houden aan legaliteitsbeginsel -> alleen
handelen op basis van wettelijke bevoegdheden, en burgers beschikken over
grondrechten
(Gedeeltelijke) Trias politica -> spreiding der machten -> wetgeving, hier komt
wetgevende en uitvoerende macht bij kijken
Scheiding van kerk en staat
Parlementair stelsel -> bevolking kiest rechtstreeks Tweede Kamer
Ministeriele verantwoordelijkheid -> ministers zijn verantwoordelijk, ook
voor optreden staatshoofd
Vertrouwensregel -> ministers worden geacht af te treden zodra zij
vertrouwen van volksvertegenwoordiging verliezen (niet verplicht)
Dualistisch -> volksvertegenwoordiging is onafhankelijk van de regering en
ook kunnen de ministers geen deel uitmaken van S-G
Nederlandse bevolking kiest geen bestuurders
Kiesstelsel gebaseerd op evenredige vertegenwoordiging -> aantal zetels voor een
partij is in overeenstemming met de aanhang van die partij onder de bevolking
Gedecentraliseerde eenheidsstaat -> rijksoverheid kan zaken aan lagere overheden
opleggen, anderzijds ook taken en bevoegdheden overgedragen aan lagere
overheden
Geen constitutioneel hof of juryrechtspraak
Omvangrijk functioneel bestuur -> bestuursorganen die een beperkt, wettelijk
vastgelegd takenpakket hebben, zoals de waterschappen
H2 - De Nederlandse staat
3. Hoe wordt een staat gekenmerkt?
Sprake van een specifiek grondgebied
Er is een bevolking
Er is een wettelijke ordening en een bestuurlijke organisatie die gezaghebbend de
wet- en regelgeving kan handhaven
Het wordt erkend door andere staten
4. Hoe is het Nederlandse Koninkrijk ingericht?
Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten
Bonaire, Saba en Sint-Eustatius hebben status van openbaar lichaam, soort van
gemeentes van Nl
Nederlandse koning is staatshoofd van Koninkrijk der Nederlanden, in 3 landen
wordt koning vertegenwoordigd door gouverneur
, Regering koninkrijk bestaat uit de koning en Raad van Ministers -> alle Nl ministers
en 3 gevolmachtigde uit A, C, SM
5. Wat zijn de (belangrijke) eisen aan een (goed functionerende) rechtsstaat?
Overheid mag niet handelen naar willekeur
Moet sprake zijn van Trias Politica
Voorkomt dat staatsmacht absoluut is
Nl voldoet hier niet helemaal aan
Het bestaan van vrije en geheime verkiezingen
Het bestaan van grondrechten (vrijheid van meningsuiting, godsdienst…)
Het bestaan van vrije en onafhankelijke media (persvrijheid)
6. Welke rol spelen autonomie, medebewind en toezicht in de gedecentraliseerde
eenheidsstaat?
Gedecentraliseerde eenheidsstaat -> verschillende bestuurslagen, relatie hiertussen berust
op samenhang van autonomie, medebewind en toezicht
Ambiguïteit -> het is centraal, maar er is toch variatie mogelijk
Autonomie -> medebewind en toezicht; gemeentes en provincies hebben een eigen
bevoegdheid
Medebewind -> de inhoud van regels is vrij, maar er moet wel rekening gehouden
worden met regels van een hogere orde
Toezicht -> overheid kan alles vernietigen wanneer dit in strijd is met wet of
algemeen belang
APV -> Algemene plaatselijke verordening -> wetten die alleen in betreffende gemeente
gelden -> mogen niet in strijd zijn met de algeheel geldende Nederlandse wetgeving
H3 - de politiek-bestuurlijke instituties
7. Hoe verhoudt de Koning zich tot de ministers (in de regering)?
Koning en ministers vormen samen de regering -> koning is onschendbaar, kan niet ter
verantwoording worden geroepen voor zijn daden -> ministeriele verantwoordelijkheid ->
alle daden van de koning zijn onder verantwoordelijkheid van de ministers
Ceremoniële rol -> benoemen van ministers, voorlezen van Troonrede, ondertekenen wetten
Koning kan adviserende rol hebben, bijvoorbeeld tijdens kabinetsformatie
Ministers zonder portefeuille -> geen begroting -> ministers voor…
Ministers van -> wel begroting
8. Welke rechten heeft de Tweede Kamer, en welke van deze rechten heeft de Eerste
Kamer niet?
Recht van initiatief -> leden van Tweede Kamer hebben de mogelijkheid om zelf
wetsvoorstellen in te dienen
Recht van amendement -> Kamerleden kunnen zowel regerings- als
initiatiefvoorstellen van wet amenderen -> er wijzigingen in aanbrengen
Recht van interpellatie -> ieder lid kan na instemming van kamer een discussie
aangaan met een bewindspersoon over een onderwerp dat niet op de agenda staat -
> spoeddebat indien ten minste 30 leden dit verzoek steunen
Mondelinge vragenrecht -> Kamerleden kunnen bewindslieden zowel mondeling als
schriftelijk vragen stellen en zij kunnen moties indienen waarin een wens of een
oordeel kenbaar wordt gemaakt over gevoerd of nog te voeren regeringsbeleid
Recht van enquête -> commissie die met het onderzoek wordt belast op grond van
de Wet op de parlementaire enquête, heeft bevoegdheid om getuigen en
deskundigen onder ede te verhoren -> indien zij weigerachtig zijn, te gijzelen
, Budgetrecht -> begrotingen van de diverse departementen dienen bij wet te worden
vastgesteld
Eerste Kamer beschikt niet over het recht van initiatief, amendement en het mondelinge
vragenrecht
9. Wat zijn de hoge colleges van staat, en welke rollen hebben ze in het nationale
bestel?
Staten-Generaal, Raad van State, Algemene Rekenkamer en Nationale Ombudsman worden
samen aangeduid als de Hoge Colleges van Staat
Staten-Generaal
Eerste en Tweede Kamer
Gekozen door evenredige vertegenwoordiging -> Tweede Kamer rechtstreeks door
het volk, Eerste Kamer door leden van Provinciale Staten -> die ook door volk
gekozen worden
Tweede Kamer -> percentage zetels komt overeen met percentage stemmen
Lijsten die minder stemmen hebben gehaald dan kiesdeler (aantal uitgebrachte
stemmen gedeeld door 150) komen niet in de Kamer
Raad van State -> hoogste adviescollege van regering inzake wetgeving AMvB en verdragen;
tevens belast met rechtsprekende taken van bestuursrechtelijke aard
Koning is de voorzitter, in de praktijk wordt voorzitterschap uitgeoefend door
vicepresident RvS
Tien leden -> gekozen via open sollicitatieprocedure, de raad zelf doet ook
aanbevelingen
3 taken:
Tijdelijke uitoefening van koninklijke gezag wanneer troonopvolger
ontbreekt
Adviestaak -> adviseren over bijv wetsvoorstellen
Rechtsprekende taak -> uitspreken in geschillen tussen burgers en overheid
of verschillende overheden
Algemene Rekenkamer -> belast met onderzoek van ontvangsten en uitgaven van het Rijk
Rechtmatigheidsonderzoek -> wordt gekeken of verplichtingen, uitgaven en
ontvangsten in overeenstemming zijn met begrotingswetten
Doelmatigheidsonderzoek -> Wordt gekeken naar het tegengaan van verspilling van
middelen
Doeltreffendheidsonderzoek -> beleid en uitvoering worden betrokken en de vraag
of burgers ‘waar voor hun geld’ hebben gekregen staat centraal
Moet ieder jaar overzicht van alle verplichtingen, uitgaven en ontvangsten van het
Rijk goedkeuren
Controle op andere rechtspersonen dan de staat (bijv bedrijven waarin de staat
aandelen in bezit)
Bestuurd door het college -> 3 leden -> voorgedragen door Tweede Kamer van
aanbevelingslijst van ARK zelf
Nationale ombudsman -> onafhankelijk orgaan voor het onderzoek van klachten en
gedragingen van bepaalde bestuursorganen, overwegend opererend op nationaal niveau,
taken:
Klachtenbehandeling -> klachten van burgers beoordelen en waar mogelijk oplossen
Iedereen heeft het recht de ombudsman schriftelijk te vragen een onderzoek
in te stellen naar de handelswijze van een bestuursorgaan
Er kan pas beroep op worden gedaan als alle andere vormen van
bestuursrechtelijke rechtsbescherming zijn benut
Brengt elk jaar een verslag uit van zijn werkzaamheden aan beide Kamers en
de ministers
, Verstrekken van informatie over relatie tussen overheid en burger en het
verbeteren van die relatie
Wordt benoemd door Tweede Kamer voor 6 jaar
H5 - Nationaal bestuur: het Rijk -> ministeries even doornemen meer niet
10. Benoem een aantal recente wijzigingen van ministeries
Eerst ministerie van landbouw -> 2010 samengevoegd met economische zaken ->
2017 weer terug als zelfstandig ministerie -> Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
2010 -> ministerie van volkshuisvesting en ruimtelijke ordening opgeheven ->
minister bzk verantwoordelijk voor huisvesting
2010 -> ministerie volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer opgeheven
-> milieu ging naar infrastructuur en milieu -> vanaf 2017 infrastructuur en
waterstaat -> daarnaast ook EZK -> klimaat neutrale samenleving en verduurzaming
economie
11. Hoe is de politie in Nederland georganiseerd?
Nationale politie valt niet rechtstreeks onder ministerie van Justitie en Veiligheid, maar is een
rechtspersoon -> kan zelfstandig rechtshandelingen verrichten, zoals contracten sluiten en
bezittingen verwerven
Is een rechtspersoon met een wettelijke taak -> taken van politie zijn vastgelegd in de
wet -> Politiewet
2 kerntaken:
Handhaving van de rechtsorde;
Handhaving van de openbare orde en veiligheid
Opsporing van strafbare feiten
Hulpverlening aan hen die deze behoeven
Burgemeester van gemeente is verantwoordelijk voor handhaving en heeft dan ook bevoegd
gezag over de politie.
Minister van Justitie is korpsbeheerder.
OM is verantwoordelijk voor vervolging van strafbare feiten.
12. Wat is het verschil tussen een agentschap en een ZBO?
Agentschap -> uitvoerend onderdeel van een ministerie dat intern verzelfstandigd is -> heeft
een eigen resultaatgericht sturingsmodel en financiële administratie
Voorbeelden: Rijkswaterstaat, DUO
Zelfstandige bestuursorganen (zbo’s) -> taken die niet meer door ministeries zelf worden
uitgevoerd, voorbeelden -> CBR, RDW, KvK -> is hetzelfde als rwt -> rechtspersoon met
wettelijke taak
Zijn volgens wet met openbaar gezag bekleed en niet ondergeschikt aan een minister
3 kenmerken;
Zbo is een orgaan, niet per se een organisatie
Zbo heeft altijd een wettelijke basis, kan op 2 manieren opgericht worden;
Bestaande organisatie kan bij wet of andere vorm van regelgeving
worden aangewezen om een taak uit te voeren -> wordt dan met
openbaar gezag bekleed
Door het aannemen van instellingswet door het parlement die
specifiek gaat over het orgaan en de voorwaarden waaronder het
zijn taak uitvoert
Zbo is niet hiërarchisch ondergeschikt aan een minister en dus is minister
niet volledig verantwoordelijk voor wat een zbo doet -> wel verantwoordelijk
voor beleid en toezicht hierop