Media-effecten
H3 theorien 44-65
H4 baby’s en peuter 66-87
H5 kinderen 88-102
H6 jongeren 103-122
H7 media en geweld 123-143
H10 effecten van reclame 187-203
H11 media en seks 204-226
H12 games
H13 sociale media
Print en scan tentamen
40 vragen mpc
27 goed voor een voldoende
, Onderzoeken: weten wat werkt en wat niet en bij wie en onder welke omstandigheden
Variabelen:
Geslacht: vrouwen reageren anders op sommige dingen dan mannen, denk aan ruzie
of autoreclames of het kijken van een film
Leeftijd: een jonger persoon reageert anders op bijvoorbeeld een serie als een ouder
persoon
Opleidingsniveau/inelligentie: invloed op het begrijpen van een boodschap,
taalgebruik, bewustzijn
Media wijsheid: als je bijvoorbeeld weet dat je een site hebt bekeken en later komt
die site in een reclame door je facebook tijdlijn dan ben je media wijs
Persoonlijkheid: openheid voor ervaringen (graag nieuwe dingen willen leren) ,
extraversie (hartelijk en open en druk, veel contact met anderen), neuroticisme (hoe
je met negatieve prikkels omgaat) , conscientieusheid (hoe je met je planning om
gaathoe hoger je scoort hoe meer je je zaken voor elkaar hebt) en aangenaamheid
(Hoe je met samenwerking omgaat als je hoog scoort op aangenaamheid, wil je graag
samenwerken).
College 2 kinderen en de media:
Object permanentie: wij als mensen weten dat het er nog wel is als je het niet meer ziet. als
je iets niet ziet is het er nog steeds, babys begrijpen dat niet. Denk aan kiekeboe.
Hebben dieren dit ook? Dieren hebben dit ook niet: soms wel maar de meeste honden
bijvoorbeeld hebben ook geen object permanentie
Ontwikkeling van kinderen:
Piaget: een fransman die de ontwikkeling van kinderen in fases beschreef:
Sensomotorische fase
Pre-operationele fase
Concreet operationele fase
Formeel operationele fase
Sensomotorische fase:
- 0-2 jaar
- Ontwikkeling motoriek
- Ontwikkeling zintuigen
- Ontwikkeling geheugen
- Nog geen object permanentie
Pre-operationele fase:
- 2-7 jaar
- Ontwikkeling taal
- Verdere ontwikkeling motoriek (fijne) kleuren, schrijven, dingen pakken.
- Ontwikkeling “ik” ego: ze begrijpen dat ze een eigen identiteit hebben
- Animise: ze denken dat levenlose objecten een geest hebben. Zeg dat de wint
ophoudt met waaien.
- Denken kenmerkt zich door egcentrisme en centratie
- Ontwikkeling begrip conservatie
H3 theorien 44-65
H4 baby’s en peuter 66-87
H5 kinderen 88-102
H6 jongeren 103-122
H7 media en geweld 123-143
H10 effecten van reclame 187-203
H11 media en seks 204-226
H12 games
H13 sociale media
Print en scan tentamen
40 vragen mpc
27 goed voor een voldoende
, Onderzoeken: weten wat werkt en wat niet en bij wie en onder welke omstandigheden
Variabelen:
Geslacht: vrouwen reageren anders op sommige dingen dan mannen, denk aan ruzie
of autoreclames of het kijken van een film
Leeftijd: een jonger persoon reageert anders op bijvoorbeeld een serie als een ouder
persoon
Opleidingsniveau/inelligentie: invloed op het begrijpen van een boodschap,
taalgebruik, bewustzijn
Media wijsheid: als je bijvoorbeeld weet dat je een site hebt bekeken en later komt
die site in een reclame door je facebook tijdlijn dan ben je media wijs
Persoonlijkheid: openheid voor ervaringen (graag nieuwe dingen willen leren) ,
extraversie (hartelijk en open en druk, veel contact met anderen), neuroticisme (hoe
je met negatieve prikkels omgaat) , conscientieusheid (hoe je met je planning om
gaathoe hoger je scoort hoe meer je je zaken voor elkaar hebt) en aangenaamheid
(Hoe je met samenwerking omgaat als je hoog scoort op aangenaamheid, wil je graag
samenwerken).
College 2 kinderen en de media:
Object permanentie: wij als mensen weten dat het er nog wel is als je het niet meer ziet. als
je iets niet ziet is het er nog steeds, babys begrijpen dat niet. Denk aan kiekeboe.
Hebben dieren dit ook? Dieren hebben dit ook niet: soms wel maar de meeste honden
bijvoorbeeld hebben ook geen object permanentie
Ontwikkeling van kinderen:
Piaget: een fransman die de ontwikkeling van kinderen in fases beschreef:
Sensomotorische fase
Pre-operationele fase
Concreet operationele fase
Formeel operationele fase
Sensomotorische fase:
- 0-2 jaar
- Ontwikkeling motoriek
- Ontwikkeling zintuigen
- Ontwikkeling geheugen
- Nog geen object permanentie
Pre-operationele fase:
- 2-7 jaar
- Ontwikkeling taal
- Verdere ontwikkeling motoriek (fijne) kleuren, schrijven, dingen pakken.
- Ontwikkeling “ik” ego: ze begrijpen dat ze een eigen identiteit hebben
- Animise: ze denken dat levenlose objecten een geest hebben. Zeg dat de wint
ophoudt met waaien.
- Denken kenmerkt zich door egcentrisme en centratie
- Ontwikkeling begrip conservatie