100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting politieke communicatie

Rating
-
Sold
-
Pages
155
Uploaded on
30-01-2026
Written in
2025/2026

Alle stof van de artikelen, hoorcolleges, oefenvragen. Hiermee heb ik een 8.7 gehaald op het tentamen.

Institution
Module

Content preview

Week 1 - Wat is Politieke Communicatie?

Politieke Communicatie = “de interacties tussen politiek, media en het publiek

Politiek = zodra we met 2 of meer personen beslissingen moeten nemen. Het gaat over
machtsverhoudingen.

Het gaat dus om relaties tussen politieke actoren, media/journalisten en burgers.

• Vaak is de vraag --> wie geeft de richting aan bij deze relaties? Wie controleert wie?

➔Focus op machtsrelaties!




(Vrije) media als vierde macht

1. Wetgevende macht (maken de wetten) = parlement + regering
2. Uitvoerende macht = regering
3. Controlerende macht = rechters
4. Media

Media is 4e macht binnen democratie. Kijkt naar/controleert de andere machten.



Artikel 1 - Mediasystemen in het digitale tijdperk: een empirische vergelijking
van 30 landen ~Humprecht, Herrero, Blassnig, Bruggemann & Engesser
Onderzoek naar Mediasystemen
Onderzoek naar mediasystemen heeft belangrijke rol gespeeld binnen het vergelijkende
communicatie onderzoek, vooral sinds de publicatie van ~Hallin en Mancini’s (2004) baanbrekende
boek Comparing Media Systems.

Dit werk bood --> een theoretisch kader om westerse mediasystemen te vergelijken met behulp van
een historisch-institutionele benadering. De auteurs benadrukten de verschillen en overeenkomsten
tussen politieke en mediasystemen in Noord-Amerika en West-Europa.

Opkomst ICT
De laatste jaren hebben onderzoekers er herhaaldelijk op gewezen dat mediasystemen in
toenemende mate worden beïnvloed door --> de opkomst van informatie- en
communicatietechnologieën (ICT’s),
& dat deze transformatie moet worden weerspiegeld in de beschrijving van mediasystemen en de
bijbehorende typologieën.

De ontwikkeling van ICT’s heeft de manier waarop mediacontent wordt geproduceerd en
geconsumeerd ingrijpend veranderd. --> Tegenwoordig consumeren de meeste mensen media-
inhoud digitaal & via mobiele apparaten. Naast journalistieke websites worden sociale platformen
steeds vaker gebruikt om informatie te verkrijgen

,Deze ontwikkeling heeft het machtsevenwicht tussen traditionele mediabedrijven & nieuwe digitale
tussenpersonen veranderd & de concurrentie binnen de media-industrie verder versterkt.

Bovendien hebben ICT’s ook de mediaproductie veranderd, omdat --> er een feedbackkanaal voor
mediagebruikers is ontstaan en iedereen nu digitale informatie kan publiceren en verspreiden.

Onze studie heeft twee onderzoeksvragen:
1. Hoe kunnen indicatoren die verband houden met de digitalisering van mediasystemen worden
gecombineerd met de door Hallin en Mancini (2004) ontwikkelde dimensies tot één geïntegreerd
kader (RQ1)?

2. Welke mediasysteemtypologie resulteert uit de uitgebreide dimensies en de grotere steekproef van
landen (RQ2)?

Dimensies van mediasystemen
Het oorspronkelijke theoretische kader van ~Hallin en Mancini (2004) bestaat uit 4 dimensies: (zijn
door bruggemann geoperationaliseerd)

1. (de inclusiviteit van) de mediamarkt,
2. journalistieke professionaliteit,
3. politieke paralleliteit
4. de rol van de staat.

1. Inclusiviteit van de mediamarkt
De dimensie van de mediamarkt is geconceptualiseerd in termen van inclusiviteit
= de mate waarin nieuwsmedia verschillende groepen binnen de samenleving bereiken

Bestaande operationalisaties omvatten:

• de algehele dagelijkse nieuwsbereik,
• het nieuwsbereik onder de arbeidersklasse
• het nieuwsbereik onder vrouwen

Digitalisering mediamarkten geleid tot --> fragmentatie publiek --> meer info-ongelijkheid --> minder
burgers gebruiken nieuws



2. Politieke Parallelliteit
De dimensie van politieke paralleliteit verwijst naar 6 indicatoren:

1. het ontbreken van scheiding tussen nieuws en commentaar,
2. partijdige invloed en beleidsbeïnvloeding,
3. de politieke oriëntatie van journalisten,
4. de mate van mediapartij-paralleliteit,
5. politieke vooringenomenheid
6. (on)afhankelijkheid van de publieke omroep.

• De meeste van deze indicatoren houden GEEN direct verband met veranderingen die zijn
ontstaan door de digitalisering van mediasystemen en de opkomst van ICT’s.

• ~Mattoni en Ceccobelli (2018) stellen dat --> hoewel nieuwe media, zoals uitsluitend online
nieuwsplatforms en digitale versies van gevestigde merken, de laatste jaren aan belang
hebben gewonnen, de manier waarop politieke paralleliteit zich manifesteert niet wezenlijk is

, veranderd.


--> Volgens hen leidt de digitalisering van mediasystemen NIET tot een volledige
heroriëntatie van journalistieke normen en praktijken.


• WEL kunnen --> sociale & politieke ontwikkelingen worden waargenomen die veranderingen
teweegbrengen in zowel traditionele als nieuwe media en in de communicatie van politici.

--> Zo hebben indicatoren zoals de politieke oriëntatie van journalisten betrekking op zowel offline als
online media, en zowel op gevestigde mediabedrijven als op online-only kanalen.

• Kan worden aangenomen dat --> de digitalisering van mediasystemen in sommige gevallen
omstandigheden heeft gecreëerd die hebben geleid tot een toename van politieke paralleliteit.



3. Journalistieke Professionaliteit
Hoewel de opkomst van digitale media veel aspecten van het journalistieke beroep heeft veranderd,
spelen journalisten nog steeds een belangrijke rol in de productie en verspreiding van nieuws.

--> Daarom blijven de indicatoren die Hallin en Mancini (2004) in hun theoretisch kader gebruiken om
de dimensie van journalistieke professionaliteit te beoordelen, fundamenteel.

Brüggemann et al. (2014) operationaliseerden deze dimensie aan de hand van de volgende
indicatoren:

1. de interne en externe autonomie van journalisten,
2. het bestaan van professionele richtlijnen en gedragscodes,
3. de mate waarin nieuwsmedia geloofwaardig worden geacht
4. de mate waarin journalisten zich richten op publieke dienstverlening.

• Zo wordt mediageloofwaardigheid tegenwoordig vaak beschouwd in de context van
beschuldigingen van “nepnieuws” door politici die de pers aanvallen.

• In dit verband hebben onderzoekers ook gewezen op noodzaak van richtlijnen en
gedragscodes die zijn afgestemd op online media — bijvoorbeeld met betrekking tot
onbeschaafde gebruikersreacties of haatspraak.

• Veel onderzoekers beweren dat de toenemende gerichtheid op sensatiezucht heeft geleid tot
een erosie van journalistieke standaarden, vooral op sociale media, en dat journalisten zich
steeds meer richten op klikcijfers in plaats van op inhoudelijke kwaliteit.

• Journalistieke professionaliteit in het digitale tijdperk ook gekenmerkt door --> manier waarop
journalisten omgaan met publieksparticipatie, en in het bijzonder door hun responsiviteit ten
opzichte van het publiek. Het negeren van gebruikersreacties kan leiden tot onbeschaafd
gedrag of de verspreiding van desinformatie in commentaarsecties.

• Wanneer journalisten echter actief deelnemen aan discussies in de commentaarsecties, kan
de kwaliteit van die discussies toenemen.

, 4. De rol van de staat
Rol van de staat = de acties die een staat onderneemt om de mediasector te ondersteunen en te
reguleren. Geen eendimensionaal maar een multidimensionaal construct is.

3 subdimensies die verwijzen naar verschillende soorten staatsinterventies in de mediasector:

1. financiering en promotie van publieke omroepen,
2. directe en/of indirecte subsidiëring van nieuwsmediaorganisaties
3. regulering van mediaconcentratie, eigendom en concurrentie.

• Hoewel staatsinterventie nog steeds een belangrijke rol speelt bij het vormgeven van
mediasystemen, de aard van die interventies is veranderd.

• Sociale mediaplatforms worden steeds vaker gebruikt voor nieuwsconsumptie en -
verspreiding. Deze bedrijven vallen echter grotendeels buiten de nationale regulering, omdat
ze voornamelijk in de Verenigde Staten zijn gevestigd en niet onder de traditionele
mediacontroles vallen, die traag reageren op technologische veranderingen.

• Omdat platformregulering grotendeels op transnationaal niveau (bijv. Europees) plaatsvindt,
is deze indicator minder geschikt voor het vergelijken van nationale mediasystemen

• Nieuwe online-only startups kampen vaak met financiële problemen omdat zij zich nog
moeten vestigen op de markt. Gedeeltelijke financiering met staatsmiddelen kan bijdragen
aan bevordering van mediapluralisme.

• Persvrijheid is een centrale variabele die een mediasysteem vormt. Wereldwijd lopen kritische
journalisten in sommige staten het risico om vervolgd, gevangengezet of zelfs gedood te
worden, terwijl ze in andere landen veiligheid en juridische bescherming genieten

--> Het argument dat persvrijheid moet worden geïntegreerd in het onderzoek naar
mediasystemen is ook geldig in licht van de digitalisering, aangezien online-inhoud in
sommige landen steeds vaker wordt gecensureerd en onafhankelijke journalisten en bloggers
worden opgesloten


--> Persvrijheid meten door non-profit & niet-gouvernementele organisatie Freedom House,
--> aspecten beoordeelt van de juridische, politieke en economische omgeving waarin media
opereren.


- De juridische omgeving = wetten en regelgeving die de mediavrijheid kunnen beïnvloeden.
- De politieke omgeving = de mate van politieke invloed op mediacontent.
- De economische omgeving = mediabezitstructuren, productie- en distributiekosten en de
invloed van de economische situatie op de duurzaamheid van de media

Persvrijheid in de 1e plaats gevormd door --> de rol van de staat in het ondersteunen of beperken van
deze vrijheden.



En een “nieuwe” trend: digitalisering

• Digitalisering is niet te ontkennen een belangrijke trend.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
January 30, 2026
Number of pages
155
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

$9.55
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
nova123 Universiteit van Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
13
Member since
8 months
Number of followers
0
Documents
24
Last sold
3 hours ago

3.3

3 reviews

5
1
4
1
3
0
2
0
1
1

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions