Taak 6
PS: Hoe verander je tijdens de adolescentie?
Leerdoelen:
1. Wat is adolescentie?
De transitiefase tussen kindertijd en volwassenheid, 12-22 jaar (met
uitloopmogelijkheden) is een tijd van leren en aapassen, specifiek gericht
op lange termijn doelen en persoonlijke ambities. Ook is het een tijd waar
jeugd ontdekt hoe ze nieuwe sociale en aantrekkelijke uitdagingen moeten
navigeren. Ook passen ze zich aan tot talloze fysieke, cognitieve en
emotionele veranderingen in zichzelf.
Een ontwikkelingsfase dat gekarakteriseerd wordt door fysieke, cognitieve,
sociale en emotionele veranderingen. Voor de meeste is het een periode
met een snelle fysiologische verandering, een vergroting van de
zelfstandigheid, een veranderende familieband, het prioriteren van
vrienden, het beginnen van intieme partnerrelaties,
identiteitsontwikkeling, een verhoogd bewustzijn van moralen en waarden,
en cognitieve en emotionele volwassenheid.
Tijdens de adolescentie groeit het vermogen om cognitieve controle uit te
oefenen op gedachten en handelingen. Hierdoor kunnen adolescenten zich
aanpassen aan sociale contexten en culturele invloeden.
Een tijd van onrust en uitdagingen, door een groter gevoel van ontdekking
en risicogedrag.
De adolescentie wordt gekenmerkt door het begin van puberale rijping
tussen 9-12 jaar. Hieronder vallen verschillende biologische
veranderingen, maar het einde van de adolescentie is niet door
fysiologische veranderingen te kenmerken. Dit wordt namelijk meer
bepaald door het bereiken van de volwassenheid, sociale rollen
veranderen, meer verantwoordelijkheden, culturele veranderingen. Ook
het ontwikkelen van prioriteiten is hierbij belangrijk.
(Understanding adolescence as a period of social–affective engagement
and goal flexibility, a biopsychosocial perspective of adolescent health and
disease)
2. Wat is puberteit? (Ook biologisch benaderen)
In de puberteit (begin tussen 9-12 jaar), bio-seksuele ontwikkeling,
lichamelijke volwassenheid, ondergaat het lichaam verschillende
biologische veranderingen, zoals een behoorlijke toename van
groeihormoon, bijnierandrogenen en geslachtshormonen. Ook de volgende
veranderingen horen hierbij: snelle lichamelijke groei, seksueel dimorfe
,veranderingen in gezichtsstructuur, stem en lichaamskenmerken,
metabolische veranderingen, de activering van nieuwe driften en
motivaties, veranderingen in slaap en circadiane regulatie, een breed
scala aan sociale, gedragsmatige en emotionele veranderingen.
(Understanding adolescence as a period of social–affective engagement
and goal flexibility)
3. Wat is het verschil tussen beide?
Het verschil tussen de puberteit en de adolescentie is dat de puberteit zich
vooral richt op lichamelijke veranderingen, biologisch proces en in de
adolescentie ligt de focus op sociale en psychologische ontwikkeling. Hier
komt een zoektocht naar identiteit kijken en verandering in gedrag.
Tijdens de puberteit gaat het vooral over de invloeden van hormonen.
(Levensfasen: de ontwikkelingspsychologie)
4. Hoe verloopt de biologische ontwikkeling in de adolescentie?
(Geslachtsrijping secundair en primair en verschil jongens
meisjes/ menstruatiecyclus, hormonale regeling en wat
gebeurt er allemaal/ Hoe verloopt de ontwikkeling van de
eicel en celdelingen en welke hormonen dus mitose en
meiose/ Hoe verloopt de ontwikkeling van de zaadcel
vorming, welke hormonen, welke celdelingen/ Wat gebeurt
er in je hersenen, ontwikkeling bij adolescenten, wat
verandert er allemaal?)
Begin bij einde embryonale ontwikkeling
Geslachtsrijping secundair en primair en verschil jongens
meisjes
Door de afgifte van FSH en LH worden de geslachtsklieren actief.
Primaire geslachtskenmerken: Lichamelijke kenmerken waarmee je
geboren wordt, penis/ balzak/ zaadballen, vagina/ schaamlippen/
baarmoeder/ eierstokken. Betrokken bij voortplanting
Secundaire geslachtskenmerken: De lichamelijke veranderingen die
ontstaan tijdens de puberteit. Zoals, borstontwikkeling, haargroei,
spiermassa. Niet direct betrokken bij de voortplanting.
De ontwikkeling van je lichaam verloopt in 5 fasen, Tanner-stadia. 1
is begin en bij 5 zijn de factoren volwassen (lichaamsbeharing, P;
borstontwikkeling, M; penis- en testesontwikkeling, G)
, Geslachtrijping begint wanneer er geslachtshormonen worden
aangemaakt. De secundaire geslachtskenmerken worden zichtbaar
en de primaire geslachtskenmerken worden actief.
Jongens:
Door een toename van testosteron groeien testes en penis, stem
wordt zwaarder, lichaamsbeharing en baardgroei. Je prostaat
ontwikkelt zich, de zweet en talgproductie nemen toe en je skelet
rijpt uit.
- Jongens gaan zaadcellen produceren
- Groeispurt
- Baardgroei en lichaamsbeharing
- Stemverlaging
- Spierontwikkeling
Eerst primaire dan secundaire geslachtskenmerken
Meisjes:
De eierstokken maken oestrogeen en progesteron aan, doordat FSH
en LH via het bloed naar de eierstokken gaan. Dit zorgt voor
borstvorming en lengtegroei. Later zorgen deze hormonen voor de
eisprong en de menstruatie. Door aanmaak van mannelijke
hormonen als meisje ook haargroei onder de oksels en schaamstreek
en ontwikkelen zweet- en talgklieren zich.
- Meisjes rijpen eicellen en krijgen menstruatie
- Borstontwikkeling
- Schaamhaar
- Bredere heupen
- Groeispurt
Eerst secundaire dan primaire geslachtskenmerken
Menstruatiecyclus, hormonale regeling en wat gebeurt er
allemaal
Wat moet er elke maand gebeuren tijdens de cyclus?
- Er moet een eicel gevormd worden
- Baarmoederwand moet voorbereid worden op een mogelijke
innesteling
Gebeurt in de laatste 2 weken na de menstruatie
PS: Hoe verander je tijdens de adolescentie?
Leerdoelen:
1. Wat is adolescentie?
De transitiefase tussen kindertijd en volwassenheid, 12-22 jaar (met
uitloopmogelijkheden) is een tijd van leren en aapassen, specifiek gericht
op lange termijn doelen en persoonlijke ambities. Ook is het een tijd waar
jeugd ontdekt hoe ze nieuwe sociale en aantrekkelijke uitdagingen moeten
navigeren. Ook passen ze zich aan tot talloze fysieke, cognitieve en
emotionele veranderingen in zichzelf.
Een ontwikkelingsfase dat gekarakteriseerd wordt door fysieke, cognitieve,
sociale en emotionele veranderingen. Voor de meeste is het een periode
met een snelle fysiologische verandering, een vergroting van de
zelfstandigheid, een veranderende familieband, het prioriteren van
vrienden, het beginnen van intieme partnerrelaties,
identiteitsontwikkeling, een verhoogd bewustzijn van moralen en waarden,
en cognitieve en emotionele volwassenheid.
Tijdens de adolescentie groeit het vermogen om cognitieve controle uit te
oefenen op gedachten en handelingen. Hierdoor kunnen adolescenten zich
aanpassen aan sociale contexten en culturele invloeden.
Een tijd van onrust en uitdagingen, door een groter gevoel van ontdekking
en risicogedrag.
De adolescentie wordt gekenmerkt door het begin van puberale rijping
tussen 9-12 jaar. Hieronder vallen verschillende biologische
veranderingen, maar het einde van de adolescentie is niet door
fysiologische veranderingen te kenmerken. Dit wordt namelijk meer
bepaald door het bereiken van de volwassenheid, sociale rollen
veranderen, meer verantwoordelijkheden, culturele veranderingen. Ook
het ontwikkelen van prioriteiten is hierbij belangrijk.
(Understanding adolescence as a period of social–affective engagement
and goal flexibility, a biopsychosocial perspective of adolescent health and
disease)
2. Wat is puberteit? (Ook biologisch benaderen)
In de puberteit (begin tussen 9-12 jaar), bio-seksuele ontwikkeling,
lichamelijke volwassenheid, ondergaat het lichaam verschillende
biologische veranderingen, zoals een behoorlijke toename van
groeihormoon, bijnierandrogenen en geslachtshormonen. Ook de volgende
veranderingen horen hierbij: snelle lichamelijke groei, seksueel dimorfe
,veranderingen in gezichtsstructuur, stem en lichaamskenmerken,
metabolische veranderingen, de activering van nieuwe driften en
motivaties, veranderingen in slaap en circadiane regulatie, een breed
scala aan sociale, gedragsmatige en emotionele veranderingen.
(Understanding adolescence as a period of social–affective engagement
and goal flexibility)
3. Wat is het verschil tussen beide?
Het verschil tussen de puberteit en de adolescentie is dat de puberteit zich
vooral richt op lichamelijke veranderingen, biologisch proces en in de
adolescentie ligt de focus op sociale en psychologische ontwikkeling. Hier
komt een zoektocht naar identiteit kijken en verandering in gedrag.
Tijdens de puberteit gaat het vooral over de invloeden van hormonen.
(Levensfasen: de ontwikkelingspsychologie)
4. Hoe verloopt de biologische ontwikkeling in de adolescentie?
(Geslachtsrijping secundair en primair en verschil jongens
meisjes/ menstruatiecyclus, hormonale regeling en wat
gebeurt er allemaal/ Hoe verloopt de ontwikkeling van de
eicel en celdelingen en welke hormonen dus mitose en
meiose/ Hoe verloopt de ontwikkeling van de zaadcel
vorming, welke hormonen, welke celdelingen/ Wat gebeurt
er in je hersenen, ontwikkeling bij adolescenten, wat
verandert er allemaal?)
Begin bij einde embryonale ontwikkeling
Geslachtsrijping secundair en primair en verschil jongens
meisjes
Door de afgifte van FSH en LH worden de geslachtsklieren actief.
Primaire geslachtskenmerken: Lichamelijke kenmerken waarmee je
geboren wordt, penis/ balzak/ zaadballen, vagina/ schaamlippen/
baarmoeder/ eierstokken. Betrokken bij voortplanting
Secundaire geslachtskenmerken: De lichamelijke veranderingen die
ontstaan tijdens de puberteit. Zoals, borstontwikkeling, haargroei,
spiermassa. Niet direct betrokken bij de voortplanting.
De ontwikkeling van je lichaam verloopt in 5 fasen, Tanner-stadia. 1
is begin en bij 5 zijn de factoren volwassen (lichaamsbeharing, P;
borstontwikkeling, M; penis- en testesontwikkeling, G)
, Geslachtrijping begint wanneer er geslachtshormonen worden
aangemaakt. De secundaire geslachtskenmerken worden zichtbaar
en de primaire geslachtskenmerken worden actief.
Jongens:
Door een toename van testosteron groeien testes en penis, stem
wordt zwaarder, lichaamsbeharing en baardgroei. Je prostaat
ontwikkelt zich, de zweet en talgproductie nemen toe en je skelet
rijpt uit.
- Jongens gaan zaadcellen produceren
- Groeispurt
- Baardgroei en lichaamsbeharing
- Stemverlaging
- Spierontwikkeling
Eerst primaire dan secundaire geslachtskenmerken
Meisjes:
De eierstokken maken oestrogeen en progesteron aan, doordat FSH
en LH via het bloed naar de eierstokken gaan. Dit zorgt voor
borstvorming en lengtegroei. Later zorgen deze hormonen voor de
eisprong en de menstruatie. Door aanmaak van mannelijke
hormonen als meisje ook haargroei onder de oksels en schaamstreek
en ontwikkelen zweet- en talgklieren zich.
- Meisjes rijpen eicellen en krijgen menstruatie
- Borstontwikkeling
- Schaamhaar
- Bredere heupen
- Groeispurt
Eerst secundaire dan primaire geslachtskenmerken
Menstruatiecyclus, hormonale regeling en wat gebeurt er
allemaal
Wat moet er elke maand gebeuren tijdens de cyclus?
- Er moet een eicel gevormd worden
- Baarmoederwand moet voorbereid worden op een mogelijke
innesteling
Gebeurt in de laatste 2 weken na de menstruatie