100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Voorbeeld- en Examenvoorbereidende Theorievragen Micro-economie (MEP) – Prof. Erwin Ooghe

Rating
-
Sold
-
Pages
35
Uploaded on
23-01-2026
Written in
2025/2026

Prof Erwin Ooghe – Verzameling van ca. 300 voorbeeldtheorievragen ter voorbereiding op het examen Micro-economie (MEP). De bundel bevat zowel oude examenvragen als nieuwe, potentiële theorievragen, systematisch geordend per hoofdstuk en module. Alle vragen zijn gebaseerd op de officiële lesnotities en op de expliciet door de professor benadrukte theorie, en zijn telkens voorzien van een correct antwoord (juist/fout).

Show more Read less
Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 0 tot en met 15 (micro ec.)
Uploaded on
January 23, 2026
File latest updated on
January 23, 2026
Number of pages
35
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Module 0: Economie & Welvaart

1. Vraag: Economie als wetenschap bestudeert voornamelijk hoe mensen keuzes
maken onder schaarste, eerder dan enkel het verloop van geldstromen.
Antwoord: Juist.

2. Vraag: Een positieve economische uitspraak is gebaseerd op waarden en
normen en kan niet objectief getoetst worden. Antwoord: Fout.

3. Vraag: Volgens het Pareto-principe is een situatie efficiënt als de welvaart van
één persoon kan stijgen zonder dat die van een ander daalt. Antwoord: Juist.

4. Vraag: Het bruto binnenlands product (bbp) is gelijk aan de som van alle
toegevoegde waardes in een economie. Antwoord: Juist.

5. Vraag: Sparen wordt in de economie beschouwd als 'uitgestelde consumptie'.
Antwoord: Juist.

6. Vraag: De bruto toegevoegde waarde is gelijk aan de waarde van het
eindproduct minus de depreciatie van kapitaalgoederen. Antwoord: Fout (Dat is
de netto toegevoegde waarde).

7. Vraag: Een economische recessie wordt gedefinieerd als een daling van het bbp
gedurende minstens twee opeenvolgende kwartalen. Antwoord: Juist.

8. Vraag: Het doemscenario van Thomas Malthus kwam niet uit dankzij
technologische vooruitgang en geboortecontrole. Antwoord: Juist.

9. Vraag: Economie wordt beschouwd als een exacte wetenschap, vergelijkbaar
met fysica. Antwoord: Fout.

10. Vraag: Het bbp per capita is een perfecte maatstaf voor het geluk van een
bevolking. Antwoord: Fout.

11. Vraag: Er is een sterke negatieve relatie tussen de welvarendheid van een land
en het fertiliteitscijfer. Antwoord: Juist.

12. Vraag: De 'Reversal of Fortunes' suggereert dat instituties belangrijker zijn voor
welvaart dan geografie. Antwoord: Juist.

13. Vraag: In Japan steeg het gemiddelde geluksniveau spectaculair tussen 1950 en
1990 door de sterke groei van het bbp. Antwoord: Fout.

14. Vraag: De Easterlin paradox stelt dat geluk deels relatief is aan wat anderen om
ons heen bezitten. Antwoord: Juist.

, 15. Vraag: Formele instituties omvatten geschreven wetten en regels, zoals het
eigendomsrecht. Antwoord: Juist.

Module 1: Speltheorie

16. Vraag: In een one-shot prisoners dilemma is 'niet samenwerken' de dominante
strategie voor beide spelers. Antwoord: Juist.

17. Vraag: De 'Tit-for-tat' strategie begint altijd met een onvriendelijke actie om
dominantie te tonen. Antwoord: Fout.

18. Vraag: Een Nash-evenwicht is een situatie waarin geen enkele speler zijn
strategie eenzijdig wil veranderen, gegeven de strategie van de anderen.
Antwoord: Juist.

19. Vraag: Een dominante strategie levert voor een speler altijd een resultaat op dat
minstens even goed is als elke andere strategie, ongeacht wat de andere speler
doet. Antwoord: Juist.

20. Vraag: De Grim trigger-strategie is vergevingsgezinder dan de Tit-for-tat
strategie. Antwoord: Fout.

21. Vraag: In een dilemmaspel is het individueel rationeel om alle middelen voor de
groep in te zetten. Antwoord: Fout.

22. Vraag: Uit experimenten met het publieke-goed spel blijkt dat mensen na
herhaling steeds minder gaan bijdragen aan de groepspot. Antwoord: Juist.

23. Vraag: Studenten economie en bedrijfswetenschappen kiezen in experimenten
vaker voor niet-samenwerken dan andere studenten. Antwoord: Juist.

24. Vraag: In een coördinatiespel is er meestal geen dominante strategie aanwezig.
Antwoord: Juist.

25. Vraag: Een 'focal point' helpt spelers om te coördineren zonder dat ze expliciet
hoeven af te spreken. Antwoord: Juist.

26. Vraag: Segregatie in buurten kan ontstaan door zelfs zeer kleine individuele
voorkeuren voor buren van dezelfde soort. Antwoord: Juist.

27. Vraag: In een spel met gemengde strategieën kiezen spelers hun acties met
bepaalde kansen. Antwoord: Juist.

, 28. Vraag: Een 'zero-sum game' betekent dat de winst van de ene speler precies
gelijk is aan het verlies van de andere speler. Antwoord: Juist.

29. Vraag: In de praktijk gedragen penalty-nemers en keepers zich vaak volgens een
gemengd Nash-evenwicht. Antwoord: Juist.

30. Vraag: Een Nash-evenwicht in dominante strategieën is een speciaal geval van
een algemeen Nash-evenwicht. Antwoord: Juist.

Module 2 & 3: Vraag, Aanbod en Elasticiteiten

31. Vraag: De aanbodcurve rangschikt producenten op basis van hun bereidheid om
te verkopen (marginale kosten). Antwoord: Juist.

32. Vraag: De marktprijs weerspiegelt de waarde van een goed voor elke consument
die het koopt. Antwoord: Fout.

33. Vraag: De water-diamant paradox wordt verklaard door het feit dat de prijs
bepaald wordt door het marginaal nut en niet door het totale nut. Antwoord:
Juist.

34. Vraag: Een markt voor CO2-emissierechten zorgt ervoor dat vervuilende
producten duurder worden. Antwoord: Juist.

35. Vraag: Een steile vraagcurve duidt op een zeer prijselastische vraag. Antwoord:
Fout.

36. Vraag: Bij een prijsinelastische vraag leidt een stijging van de prijs tot een stijging
van de totale ontvangsten. Antwoord: Juist.

37. Vraag: Een kartel is vaak instabiel omdat individuele leden een prikkel hebben
om stiekem meer te produceren dan afgesproken. Antwoord: Juist.

38. Vraag: Als de kruiselingse prijselasticiteit tussen twee goederen positief is,
spreken we van substituten. Antwoord: Juist.

39. Vraag: De aanbodcurve van grondstoffen is vaak erg inelastisch op korte termijn.
Antwoord: Juist.

40. Vraag: Automatische loonindexering beschermt de koopkracht van gezinnen
tegen inflatie. Antwoord: Juist.

41. Vraag: Voor een luxe goed stijgt het budgetaandeel naarmate het inkomen
toeneemt. Antwoord: Juist.
$9.70
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
Deark

Get to know the seller

Seller avatar
Deark Katholieke Universiteit Leuven
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
3
Member since
8 months
Number of followers
1
Documents
5
Last sold
19 hours ago
Richting : HIR KU Leuven

Ik verkoop duidelijke, gestructureerde en examengerichte samenvattingen aan goedkope prijzen. Alles is zorgvuldig uitgewerkt volgens de structuur van de cursus of slides, met oog voor volledigheid en overzicht. Mijn samenvattingen zijn ideaal voor studenten die efficiënt willen studeren en tijd willen besparen. Bekijk gerust het aanbod en haal meer uit je studies voor minder geld.

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions