Leman et al., 2019 - Developmental psychology
Het ecologische perspectief kijkt naar de invloed van verschillende systemen. Het ecologische
perspectief kijkt niet alleen naar de relatie tussen kind en omgevingsfactoren, maar ook naar de
relatie tussen omgevingsfactoren.
Bronfenbrenner heeft een theoretisch raamwerk gemaakt wat aansluit op het ecologische
perspectief. De verschillende systemen uitgelegd:
★ Het microsysteem: de systemen die het dichtst
bij een kind liggen (familie, school,
leeftijdsgenoten)
★ Het mesosysteem: interacties tussen de
microsystemen (ouders met school,
leeftijdsgenoten met speeltuin uit de buurt)
★ Het exosysteem: systemen die het kind indirect
beïnvloeden (SES, regering, zorgsysteem)
★ Het macrosysteem: systemen vanuit de
samenleving (normen en waarden)
★ Het chronosysteem: de verandering van de
systemen door de tijd heen
Harkness & Super, 1986 - Whiting model & The developmental niche
De antropologische visie op cultuur:
★ Cultuur is een gedeeld systeem van kennis en betekenisgeving
- Het is een gedeeld systeem, omdat een cultuur bestaat uit ideeën en
overtuigingen die meerdere mensen delen
- Kennis: alles wat mensen leren over hoe de wereld werkt (en wat wordt
beschouwd als goed)
- Betekenisgeving: mensen gebruiken cultuur om betekenis te geven aan wat er
gebeurt
★ Cultuur is aangeleerd: het gezin is verantwoordelijk voor enculturatie
★ Culturele transmissie: er is sprake van wederzijdse beïnvloeding en (dis)continuering;
bepaalde waardes/gewoontes blijven en anderen veranderen
‘Psychologische’ ontwikkeling: groeiproces; proces van geleidelijke ontplooiing van (soort)
specifieke vaardigheden
‘Antropologische’ ontwikkeling: leren; je wordt geboren met algemene mogelijkheden, maar
cultuur vormt die mogelijkheden
Whiting model
Het Whiting model laat zien hoe cultuur in de opvoeding het kindgedrag beïnvloedt:
★ Sociaal historische ontwikkelingen beïnvloeden de samenleving
→ hierdoor ontstaan gewoonte patronen in de opvoeding
→ dit heeft (semi) permanente effecten zowel psychologisch als lichamelijk
→ deze komen tot uiting in de samenleving
, ★ Kritiek op het Whiting model: het model is dynamischer dan beschreven; de pijlen
kunnen alle kanten op
Developmental niche is een theoretisch raamwerk dat kijkt naar de ontwikkeling van het
kind/opvoeding, met een focus op cultuur. Het combineert concepten van psychologisch en
antropologisch gedachtegoed
Interacties binnen de opvoeding beïnvloeden ontwikkelingsmogelijkheden en vaardigheden
Het bestaat uit drie geïntegreerde subsystemen
1. De fysieke en sociale setting: de dagelijkse setting waar het kind in zit
De setting is cultureel en geografisch bepaald, en verschilt dus per kind.
★ Fysieke setting: waar brengt het kind tijd door
★ Sociale setting: met wie brengt het kind tijd door/wie zorgt er voor het kind
2. De gewoonten van verzorging en opvoeding: opvoedingstrategieën om om te gaan met
kinderen van een bepaalde leeftijdsfase
★ Opvoedingspraktijken zoals: affectie, routines, rolverdeling
3. ‘Psychologie van opvoeders’; culturele denkmodellen
★ ‘Parental ethnotheories’ = opvattingen van opvoeders over doelen en
verwachtingen van een kind
★ Zorgt voor stimulatie van bepaalde eigenschappen zoals zelfstandigheid en
gehoorzaamheid
Keller, 2003 - Apprentice model & equality model
Er worden twee samenlevingen vergeleken vanuit een sociaal-cultureel perspectief
1. Ruraal agrarische stam Nso in Kameroen
★ Pediatrische opvoedstijl
★ Apprentice model
★ Interdependentie; afhankelijkheid
2. Moderne stedelijke familie in middenklasse Duitsland
★ Pedagogische opvoedstijl
★ Equality model
★ Onafhankelijkheid
Er worden in het artikel twee redenen gegeven waarom opvoeders verschillende stijlen
hanteren.
→ Er ontstaan verschillende opvoedstijlen, omdat de omgeving dat van het kind vraagt.
→ Het opleidingsniveau van de opvoeder beïnvloedt de keuze en toepassing van een opvoedstijl
Pediatrische opvoedstijl (apprentice model) Pedagogische opvoedstijl (equality model)
★ Voortdurend lichamelijk contact met ★ Rust en regelmaat
moeder ★ De behoefte van het kind wordt
★ De behoefte van het kind wordt altijd gereguleerd
gevolgd ★ Cognitieve competentie
★ Situationeel opvoeden; rekening ★ Belang van wetenschappelijke kennis
, houden met de ontwikkelingsfase en
afstemming op context
Apprentice model Equality model
Socialisatie doelen; Wederzijdse afhankelijkheid Onafhankelijkheid
opvoedingsdoelen Sociale competentie Individuele competenties
Gewilde competenties Fysieke rijping, sociale Cognitieve rijping,
verbondenheid intelligentie, individuele
prestaties
Socialisatie strategie; Leerkracht-leerling relatie; Dialoog tussen (bijna)
opvoedingstrategie training gelijkwaardige
gesprekspartners
Overdracht van waarden Verticaal: generatie op Horizontaal: deskundigen uit
generatie dezelfde generatie
Voorkeur van socialisatie Fysieke nabijheid, emotionele Oogcontact, ‘child-directed
context warmte, responsiviteit naar language’, speelgoed
negatieve signalen; huilen =
borstvoeding
Kagitcibasi, 2005 - The value of children
‘The value of children’ (VOC) is de som van
1. Psychologische waarde: kinderen geven emotionele vervulling, liefde en zingeving
2. Sociale waarde: kinderen geven status, sociale erkenning en continuïteit van de familie
3. Economische waarde: economische/praktische steun van kinderen aan het gezin, zowel
op jonge leeftijd als wanneer ze volwassen zijn
Belangrijkste bevinding van het VOC onderzoek:
Sociaal-economische ontwikkeling en meer onderwijs verlaagden de economische waarde, en
verhoogde de psychologische waarde van kinderen.
Dit heeft een negatieve impact op vruchtbaarheid:
Economische waarde heeft een positieve invloed op het aantal kinderen; financiële/materiële
waarde stapelt op, terwijl er bij psychologische waarde geen voordeel is bij meer kinderen; liefde
en vreugde haal je ook uit één kind.
Resultaten (1975 vs 2003)
★ De psychologische waarde van een kind wordt belangrijker gevonden dan in 1975
★ De economische waarde van een kind wordt minder belangrijk gevonden dan in 1975
Het ecologische perspectief kijkt naar de invloed van verschillende systemen. Het ecologische
perspectief kijkt niet alleen naar de relatie tussen kind en omgevingsfactoren, maar ook naar de
relatie tussen omgevingsfactoren.
Bronfenbrenner heeft een theoretisch raamwerk gemaakt wat aansluit op het ecologische
perspectief. De verschillende systemen uitgelegd:
★ Het microsysteem: de systemen die het dichtst
bij een kind liggen (familie, school,
leeftijdsgenoten)
★ Het mesosysteem: interacties tussen de
microsystemen (ouders met school,
leeftijdsgenoten met speeltuin uit de buurt)
★ Het exosysteem: systemen die het kind indirect
beïnvloeden (SES, regering, zorgsysteem)
★ Het macrosysteem: systemen vanuit de
samenleving (normen en waarden)
★ Het chronosysteem: de verandering van de
systemen door de tijd heen
Harkness & Super, 1986 - Whiting model & The developmental niche
De antropologische visie op cultuur:
★ Cultuur is een gedeeld systeem van kennis en betekenisgeving
- Het is een gedeeld systeem, omdat een cultuur bestaat uit ideeën en
overtuigingen die meerdere mensen delen
- Kennis: alles wat mensen leren over hoe de wereld werkt (en wat wordt
beschouwd als goed)
- Betekenisgeving: mensen gebruiken cultuur om betekenis te geven aan wat er
gebeurt
★ Cultuur is aangeleerd: het gezin is verantwoordelijk voor enculturatie
★ Culturele transmissie: er is sprake van wederzijdse beïnvloeding en (dis)continuering;
bepaalde waardes/gewoontes blijven en anderen veranderen
‘Psychologische’ ontwikkeling: groeiproces; proces van geleidelijke ontplooiing van (soort)
specifieke vaardigheden
‘Antropologische’ ontwikkeling: leren; je wordt geboren met algemene mogelijkheden, maar
cultuur vormt die mogelijkheden
Whiting model
Het Whiting model laat zien hoe cultuur in de opvoeding het kindgedrag beïnvloedt:
★ Sociaal historische ontwikkelingen beïnvloeden de samenleving
→ hierdoor ontstaan gewoonte patronen in de opvoeding
→ dit heeft (semi) permanente effecten zowel psychologisch als lichamelijk
→ deze komen tot uiting in de samenleving
, ★ Kritiek op het Whiting model: het model is dynamischer dan beschreven; de pijlen
kunnen alle kanten op
Developmental niche is een theoretisch raamwerk dat kijkt naar de ontwikkeling van het
kind/opvoeding, met een focus op cultuur. Het combineert concepten van psychologisch en
antropologisch gedachtegoed
Interacties binnen de opvoeding beïnvloeden ontwikkelingsmogelijkheden en vaardigheden
Het bestaat uit drie geïntegreerde subsystemen
1. De fysieke en sociale setting: de dagelijkse setting waar het kind in zit
De setting is cultureel en geografisch bepaald, en verschilt dus per kind.
★ Fysieke setting: waar brengt het kind tijd door
★ Sociale setting: met wie brengt het kind tijd door/wie zorgt er voor het kind
2. De gewoonten van verzorging en opvoeding: opvoedingstrategieën om om te gaan met
kinderen van een bepaalde leeftijdsfase
★ Opvoedingspraktijken zoals: affectie, routines, rolverdeling
3. ‘Psychologie van opvoeders’; culturele denkmodellen
★ ‘Parental ethnotheories’ = opvattingen van opvoeders over doelen en
verwachtingen van een kind
★ Zorgt voor stimulatie van bepaalde eigenschappen zoals zelfstandigheid en
gehoorzaamheid
Keller, 2003 - Apprentice model & equality model
Er worden twee samenlevingen vergeleken vanuit een sociaal-cultureel perspectief
1. Ruraal agrarische stam Nso in Kameroen
★ Pediatrische opvoedstijl
★ Apprentice model
★ Interdependentie; afhankelijkheid
2. Moderne stedelijke familie in middenklasse Duitsland
★ Pedagogische opvoedstijl
★ Equality model
★ Onafhankelijkheid
Er worden in het artikel twee redenen gegeven waarom opvoeders verschillende stijlen
hanteren.
→ Er ontstaan verschillende opvoedstijlen, omdat de omgeving dat van het kind vraagt.
→ Het opleidingsniveau van de opvoeder beïnvloedt de keuze en toepassing van een opvoedstijl
Pediatrische opvoedstijl (apprentice model) Pedagogische opvoedstijl (equality model)
★ Voortdurend lichamelijk contact met ★ Rust en regelmaat
moeder ★ De behoefte van het kind wordt
★ De behoefte van het kind wordt altijd gereguleerd
gevolgd ★ Cognitieve competentie
★ Situationeel opvoeden; rekening ★ Belang van wetenschappelijke kennis
, houden met de ontwikkelingsfase en
afstemming op context
Apprentice model Equality model
Socialisatie doelen; Wederzijdse afhankelijkheid Onafhankelijkheid
opvoedingsdoelen Sociale competentie Individuele competenties
Gewilde competenties Fysieke rijping, sociale Cognitieve rijping,
verbondenheid intelligentie, individuele
prestaties
Socialisatie strategie; Leerkracht-leerling relatie; Dialoog tussen (bijna)
opvoedingstrategie training gelijkwaardige
gesprekspartners
Overdracht van waarden Verticaal: generatie op Horizontaal: deskundigen uit
generatie dezelfde generatie
Voorkeur van socialisatie Fysieke nabijheid, emotionele Oogcontact, ‘child-directed
context warmte, responsiviteit naar language’, speelgoed
negatieve signalen; huilen =
borstvoeding
Kagitcibasi, 2005 - The value of children
‘The value of children’ (VOC) is de som van
1. Psychologische waarde: kinderen geven emotionele vervulling, liefde en zingeving
2. Sociale waarde: kinderen geven status, sociale erkenning en continuïteit van de familie
3. Economische waarde: economische/praktische steun van kinderen aan het gezin, zowel
op jonge leeftijd als wanneer ze volwassen zijn
Belangrijkste bevinding van het VOC onderzoek:
Sociaal-economische ontwikkeling en meer onderwijs verlaagden de economische waarde, en
verhoogde de psychologische waarde van kinderen.
Dit heeft een negatieve impact op vruchtbaarheid:
Economische waarde heeft een positieve invloed op het aantal kinderen; financiële/materiële
waarde stapelt op, terwijl er bij psychologische waarde geen voordeel is bij meer kinderen; liefde
en vreugde haal je ook uit één kind.
Resultaten (1975 vs 2003)
★ De psychologische waarde van een kind wordt belangrijker gevonden dan in 1975
★ De economische waarde van een kind wordt minder belangrijk gevonden dan in 1975