CP
Bevat: §11.4, §11.5, §13.1, §13.2
§11.4: je lijkt op...
Bouwbeschrijving
De bouwbeschrijving voor een cel zit in de kern.
De kern bevat chromosomen.
Chromosomen bestaan uit DNA.
De volgorde van het DNA wordt afgelezen --> eiwit wordt gemaakt.
Het stukje DNA dat codeert voor 1 eiwit is een gen.
Eiwitten:
o Bepalen de vorm van een cel.
o Zorgen dat de cel in leven blijft.
o Speciale taken.
Hoe zitten de eigenschappen op de chromosomen?
De mens heeft 23 paar chromosomen in 1 cel.
22 paar autosomen
1 paar geslachtschromosomen.
o X/X: meisje
o X/Y: jongen
Het aantal chromosomen verschilt per soort.
Het aantal genen verschilt per soort: voor de mens ca. 25000.
Een gen bepaalt 1 bepaalde eigenschap bijv. Haarkleur.
Van genen bestaan vaak meerdere varianten = allelen.
Chromosomenparen dus van elk gen heb je er 2
Bij de meeste eigenschappen zijn meerdere genen betrokken.
Waardoor lijk je op je ouders?
Ouders geven maar 1 exemplaar van een chromosoom door.
De bevruchte eicel bevat dus opnieuw 46 chromosomen.
De combinatie van chromosomen bepaalt welke eigenschap je van
welke ouder krijgt--> broers en zussen zijn dus verschillend.
Genotype= alles dat vaststaat in je genen (=erfelijk)
Fenotype= het uiterlijk (hoe het eruitziet, niet erfelijk)
Zijn alle eigenschappen erfelijk?
Voor eigenschappen zoals mooi gitaar spelen ofzo is de aanleg erfelijk,
maar om echt goed te worden, moet je oefenen.
, Het fenotype (goed gitaar spelen) is het resultaat van het genotype
(aanleg voor muziek) en de omgeving (oefenen).
Bij niet-erfelijke eigenschappen wordt het fenotype bepaald door
invloeden van buitenaf en niet door je omgeving.
Hoe ontstaan aangeboren aandoeningen?
o Aangeboren aandoeningen kunnen op meerdere manieren ontstaan:
1. Door schadelijke stoffen of ziekteverwekkers
Kunnen via placenta bij het ongeboren kindje komen, bijvoorbeeld
rodehondvirus.
2. Door een fout in het aantal chromosomen van de cel.
Bijvoorbeeld syndroom van Down.
3. Door een fout in de structuur van 1 chromosoom.
Bijvoorbeeld een extra stukje DNA of een deel van het DNA is op het
chromosoom van plaats gewisseld.
Bijvoorbeeld kleurenblindheid.
o Soorten prenataal onderzoek:
Echo--> je kan zien hoe groot de baby is en luisteren naar het hartje
van het kindje.
Vruchtwaterpunctie--> met een naald wordt door een dokter een
beetje vruchtwater uit de baarmoeder gehaald--> in het
vruchtwater zitten cellen van de foetus en daarvan worden de
chromosomen onderzocht op fouten.
Vlokkentest--> er worden door een dokter cellen uit de placenta
gehaald en onderzocht.
NIPT--> bloedafname bij de moeder--> in het bloed van de moeder
zitten cellen van de foetus en die worden onderzocht.
§11.5: cellen en chromosomen
Hoe krijgen geslachtscellen 23 chromosomen?
De geslachtscellen ontstaan door meiose:
1. Voordat de meiose start, zijn de chromosomen onzichtbaar.
2. Chromosomen worden zichtbaar.
3. Chromosomen van gelijk type vormen paren in het midden.
4. Chromosomen van chromosomenparen gaan uit elkaar: elk groepje
bevat 1 chromosoom van ieder paar.
5. De 2 groepjes krijgen elk een eigen celkern en delen in tweeën.
6. Er zijn nu 2 cellen.
Hoe krijgt elke cel dezelfde chromosomen?
Cellen ontstaan door mitose:
1. Voordat de mitose start, zijn de chromosomen onzichtbaar.
2. Chromosomen kopiëren zichzelf en worden zichtbaar.